Home » Columns (Page 2)

Category Archives: Columns

Twingo-Twingo, little star

Even na achten die avond gaat de telefoon.. of ik thuis ben en tijd heb. Het is wel wat vroeger als andere jaren maar als ik het zover heb dan is het met een uurtje weer zover. Al een paar jaar op rij, zo rond Kerst, dan kan er zo maar gebeld of ge-appt worden, dan ligt er iets op een ander te wachten.

Dit jaar is het jumbojan die het spits weer afbijt en ik de Twingo weer als arrenslee mag inladen. Met gezwinde spoed wordt dan deze & gene met het een & ander verrast. Ik ken nogal wat mensen met een knip van uienleer die aan het einde van hun geld nog wat maand over hebben gehouden. Deze keer zijn het vooral de (luxe) broodsoorten, zoals krentenbollen, appelflappen en witte bolletjes, maar gelukkig ook wat eitjes en iets vlees die op datum staan.

Het is altijd weer een verrassing wat meegaat om weggegeven te worden. De inhoud van zeven kratten zijn snel en vlug verdeeld op 10 adressen. No-name’s zoals hij ken ik er meer, kennen zij mij ook waardoor ik af en toe in staat ben om in de eigen- en buurgemeenten een home-made kerstmaal warm op diverse minimatafels te serveren.

Ook Superfeika laat geregeld haar warme hart spreken, geeft gul en wordt dank zij haar een uienlerenknip weer aardig aangevuld. Heel even de vleespotten van Egypte op de tafel dankzij de asociale-snackbarhouder en de vette warme kalkoen glijdt dank zij de super-rondeslager in de maag. Nee, we noemen geen namen, we doen het gewoon, omdat het moet – omdat het kan. Huu Donder & Blixem, gas d’erop, Twingo-Twingo, little star..

Rare Fietchinezen

Een jaar of ‘tig’ geleden liep ik als jonge snuiter een rondje door het park achter de nieuwbouwwijk waar wij woonden. Rijtjeshuizen van roodgebakken steen met bijkleurende dakpannen, afgewisseld met platgedakte appartementen. Het was een zondagochtend dat ik met Basje, onze bruin-wit gevlekte asbakkenwoef, een rondje liep toen ik vanaf de richting van de spoorbaan twee tengere, donkerharige, mannetjes mijn richting op zag lopen.

Het ene tengere mannetje hield een fiets vast terwijl het andere tengere mannetje aan de andere kant van de fiets mee liep. Het viel me op dat het op de een of andere manier nogal stuntelig oogde. Toen de beide mannetjes met de fiets bij een parkbankje halt hielden bleef ik hen nieuwsgierig gadeslaan. Ze waren best nog wel een stuk van me verwijderd toen het ene mannetje voor de fiets ging staan en het stuur vastpakte als was het paardentemmer. Het andere mannetje stapte daarop als een jockey via de bank over de fietsstang heen en nam plaats op het zadel, tenminste dat was de bedoeling.

Het mislukte radicaal, hij verloor zijn evenwicht, de fiets steigerde en hij kukelde met tweewieler en fietsentemmer ondersteboven op het bitumen wandelpad. De beide mannetjes hielpen elkaar overeind en ik zag van afstand dat het ene mannetje iets uit zijn colbertjasje haalde en dat op de hand van het andere mannetje deed. Daarop wisselden de beide mannetjes van rol, de temmer werd jockey en andersom en het schouwspel herhaalde zich. Niet een keer maar diverse keren achter elkaar. Nieuwsgierig liep ik wat dichterbij en zag twee in onberispelijk donker pak met blouse gestoken tengere oosterlingen verwoede pogingen doen om hun balans te vinden op een oude fiets.

Het opstappen en in stilstand even in balans te blijven leken ze naar eigen tevredenheid te hebben bereikt en terwijl ik dichterbij wandelde ondernamen zij pogingen om beurtelings een paar meter vrij te freewheelen. Ook dat ging met wisselend succes. Telkens als de een met fiets en al tegen de vlakte lazerde, plukte de ander hem van de grond, plakte een paar pleisters op de beschadigde plekken en verwisselde van positie. Met verbazing heb ik het tafereel gadegeslagen waarin Ying en Yang zoals ik ondertussen hun naam gefantaseerd had zichzelf de fietskunst eigen maakten. Uiteindelijk slaagden ze er in om het wandelpad rond het park met vallen en opstaan af te ronden.

Nadat ze vlakbij gekomen waren ben ik op hen toegelopen en belangstellend gevraagd of het fietsentemmen hen een beetje meeviel. Ze grinnikten wat schaapachtig en maakten daarbij wat gebaren waarbij het grote aantal pleisters en bloedvlekken zichtbaar werd op hun handen. Ook hun hoofden waren op diverse plekken aardig geschaafd en met pleisters beplakt en schuurplekken op hun broeken en colberts ter hoogte van hun knieën en ellebogen deed vermoeden dat ook de huid daaronder de nodige beschadigingen en kneuzingen opgelopen had.

Ze bleven glimlachen en oefenden vrolijk verder en ondernamen een volgende ronde door het park terwijl ik Basje naar huis terug wandelde, dat waren toch wel een paar Rare Fietchinezen.

Deutsche Schutzgebiete

In het jaar 1918 kwam door een wapenstilstand een einde aan het wapengeweld van de periode die we vandaag de dag in de geschiedenisboeken terugvinden als de Eerste Wereldoorlog. Aan de economische en politieke oorlogvoering kwam echter geen einde, ook niet in 1919 door middel van de ondertekening van een verdrag.

Het zou de opmaat worden naar de Tweede wereldmensenslachting, oorlog is van alle tijden en is altijd het resultaat van misleiding en bedrog! Het Verdrag van Versailles was en is allerminst als een vredesakkoord  te bestempelen, het is eerder een door de overwinnaars opgesteld smerig dictaat waarin de verliezers de absolute schuld werd toegewezen. Duitsland werd een soort van erfschuld opgelegd en belast met herstelbetalingen aan de banken die deze gruwelijkheid gefinancierd en mede mogelijk gemaakt hebben.

Het Duitse Keizerrijk werd door haar economische opponenten onder andere verweten de wereld te willen overheersen, een van elke realiteitszin ontbrekende beschuldiging. Het is vooral en met name aan de kooplieden achter het Britse Rijk te verwijten dat zij in hun streven de wereld in alle opzichten te overheersen daarbij miljoenen mensen hebben vernietigd, beschavingen hebben uitgeroeid en dood en ellende hebben gebracht. De wereld als wingewest is een Koopmansgedachte, de dood is Engelssprekend!

Het Duitse Keizerrijk was na afloop van de door Frankrijk gestichte oorlog in 1871 amper droog achter de oren en had in de 1.000 voorafgaande jaren enkel (van buitenaf georkestreerde en gewenste) verdeeldheid gekend.

Honderden jaren nadat de wereldkooplieden die zich in Spanje, Frankrijk, Engeland en Nederland hadden gevestigd zich de van rijkdommen uitpuilende gebieden in de wereld hadden toegeëigend werd aan de wens van het Duitse Rijk voor ‘ein platz an der Sonne’ met tegenzin tegemoet gekomen. Pas in 1884, 17 jaar(!) na de stichting van het Tweede Duitse Keizerrijk, werden met Zuid-West Afrika, Kamerun, Nieuw Guinea en Togoland als Deutsche Schutzgebiete aangeworven.

Het opvolgende jaar werden de Deutsche Schutzgebiete met Oost-Afrika en Wituland uitgebreid, in 1897 werd de Chinese havenplaats Kiautschou gepacht, in 1900 Samoa en als laatste werd in 1911 Nieuw Kamerun hieraan toegevoegd. Pas tegen de tijd dat de eerste Wereldoorlog uitbrak begonnen de gebieden enigszins rendabel te worden. Na afloop van de oorlog werd Duitsland de Schutzgebiete definitief kwijt en werden ze als oorlogsbuit verdeeld onder de overwinnaars en heeft het de burgers van deze gebieden GEEN vrede, voorspoed en veiligheid gebracht!

Vandaag de dag wordt de wereld nog steeds als een plunderkolonie beschouwd door de heersers achter de macht en de wereldburgers tegen elkaar opgezet, politiek, religieus en militair. Het is nu het massaal en wereldwijd verplaatsen van mensenmassa’s die met vodjes papier in de hand als middel en wapen worden gebruikt en ingezet. Met het verdrag van Versailles werden de Deutsche Schutzgebiete door de overwinnaars tot plunderkoloniën aan hun rijken toegevoegd, het verdrag van Marrakesh is eenzelfde smerig dictaat dat geen vrede, voorspoed en veiligheid zal brengen.

 

 

Ton on Tour

Door het glas van de buitenschuifdeur zie ik hem aan zijn royale houten keukentafel zitten, koffiekopje is de hand en blik op zijn tablet, hij leest zijn digitale ochtendkrant. Nog voor ik mijn aanwezigheid kenbaar kan maken door op het raam te kloppen merkt hij me op en hij gebaart me binnen te komen door de deur open te schuiven.

“Hee, hallo! Wat leuk dat je even langs komt, wil je een kop koffie?” zegt hij “Pak een stoel en kom erbij zitten”. Ik sla het aanbod niet af en schuif een stoel richting de houtkachel in de hoek. Voor hij opstaat om de daad bij het woord te voegen duwt hij nog even twee pronte brokken hout in het vuur. “Met melk geloof ik he? Suiker had je toch al genoeg?” Hij heeft mijn vaak gebruikte woordgrap goed onthouden, suiker heb ik als diabeet al jaren meer dan genoeg.

Even later zitten we beiden in een comfortabele stoel naast de houtkachel en vragen we naar elkaars wederwaardigheden. Niet veel later gaat het gesprek over het vakantieproject waar hij mee bezig is om op te zetten. Ton, zo als zijn naam luidt, is alleenstaand en heeft er wel zin in om met een paar gelijkgestemde leeftijdgenoten een tijdje erop uit te trekken. Niet met een tentje op de rug maar met een stel mensen in een touringcar er tussenuit en de reis zelf is de bestemming.

Op een advertentie in een regionaal dagblad waren al een paar veelbelovende reacties gekomen van zowel mannen als vrouwen die er wel oren naar hebben om een maandje op avontuur te gaan. Ton zelf heeft een groot rijbewijs en was vroeger onder andere rijschoolhouder, een goedlachse kerel waarmee ik in contact kwam middels een gemeenschappelijke kennis. Een geschikte vent en – heel bijzonder – we kwamen er op enig moment achter dat we middels de capriolen van onze toenmalige partners nu zo’n 12, 13-jaar geleden een soort van gedeelde ervaring hebben.

Zonder al te veel op de details in te gaan speelde een overspelige schooldirecteur daar een bepalende rol in. Het verraste ons beiden toen jaren later onze eigen partnerervaringen naadloos in elkaar schoven en het verduidelijkte ons op slag het een en ander. Maar, dat was toen en life goes on, andere en leuke dingen hebben onze aandacht gevraagd. Leuke en spannende zaken, dingen die het leven smakelijk maken en gekruid hebben zijn daarna gevolgd, genieten met een grote G en leuke dingen doen.

Ton en ik drinken zo af en toe eens een bakje bij elkaar en zoals nu, bespreken we wat trivialiteiten en leuke plannen, zoals het vakantieplan dat hij aan het opzetten is, Ton on Tour.

Heavy Metal & Eier Punk

Behendig slinger ik m’n bejaarde Twingo de lange oprijlaan in die naar de scharrelei-boerderij van Marianne voert. Het is maar een paar kilometer van m’n huis, twee keer over het water en daarna een keer over de A7 en dan de tweede afslag rechts. Er staat geen bord bij de weg en elk die daar komt is daar op voorspraak en gaat het van mond tot mond. Een kudde boerderijkatjes kijkt nieuwsgierig toe hoe ik m’n vehikel voor een van de schuren draai en achter het huis parkeer. Een paar treden omhoog brengen me bij de garage achter het huis, dan de deur door de schuur in.

Een paar honderd eitjes staan geduldig te wachten om afgehaald te worden, het is zelfbediening. Het laatje links in het bureau is tegelijk ook de kassa waarin een sigarenkistje het geld beheert. Wat je verschuldigd bent stort je erin en je haalt het eventuele wisselgeld er zelf uit. Heerlijk die eerlijkheid, natuurlijk die scharreleitjes zijn ook lekker maar het geschonken vertrouwen maakt dat ze nog lekkerder smaken. Bruine eitjes – zolang de voorraad strekt voor 12 cent per stuk – witte voor een duppie en gigaeitjes voor 15 cent per stuk. Er gaan hier nogal wat scharreleitjes door, bruine staan er zat, witte iets minder.. maar, geen nood, daar stapt Marianne, de kippeboerin binnen, ze had al zo’n vermoeden.

“Ik haal wel even een partijtje nieuwe op” zegt ze en loopt de deur uit naar de schuren en komt even later met een formidabele stapel eitjes weer naar binnen. Leuk mens ook die Marianne, zeker geen saaie boerentrien maar eentje met karakter. Ze houdt van Punk & Metal en daar geeft ze al sinds jaar en dag met haar kapsel op een heel eigen en unieke wijze vorm aan. Een stevige donkerharige hanekam midden op de scheiding met links en rechts een glad geschoren schedeldak. Op de terugweg naar eigen huis, haard en keuken glimlach ik even, nee, ze is er niet een van dertien-in-een-dozijn, geen suffe boerentrien maar een heavy metal tante met scharreleitjes, goed voor een lekkere Heavy Metal & Eier-Punk!

Dag dokter Hans..

Als ik de flauwe bocht om fiets zie ik hen aan de linkerkant van de laan verschijnen. Ze gaan dezelfde richting uit als ik, richting Roos in de Regio. Stevig pedalerend passeer ik hen beiden, zij in een licht gekleurde herfstmantel achter de rolstoel en hij voor haar zittend, warm ingepakt en in een winterjas. In het voorbijgaan neem ik hen vraagteken-fronstend even op, ze komen me ergens bekend voor, vooral bij hem gaat er zacht een belletje rinkelen.

Nauwelijks een paar meter verder heb ik mijn stalen ros tot stilstand gedwongen, draai het stuur en koers op hen toe. “Dokter Hans? Zie ik dat goed?” is mijn vragende openingszin en de vrouw achter de rolstoel reageert bevestigend. “Ja” zegt ze, “klopt” en er ontspint zich een klein gesprek daar aan de zijlijn van de lange bomenlaan. Hans glimlacht enkel en zegt niets, hij laat het woord over aan zijn vrouw. “Hoe is het ermee? Wat scheelt eraan?” vraag ik en opnieuw is het Hans zijn vrouw die antwoord geeft, zelf doet hij er het zwijgen toe.

Haar antwoord maakt al snel duidelijk waarom hij zich in stilzwijgen hult, zijn ziekte heeft hem als het ware van het heden en de huidige tijd afgesneden, hij lijkt het allemaal niet meer mee te krijgen. Hij blijft vriendelijk lachend en wat afwezig rondkijkend rustig in de rolstoel zitten terwijl ik over-het-hoofd-heen over en niet met hem spreek. Ik benoem het en verontschuldig me tegenover hem maar zijn vrouw reageert geruststellend en begripvol.

Hans is het contact met de wereld nagenoeg verloren, maar toch, heel even lijkt het wel eens of er toch nog iets binnen lijkt te komen zegt ze. Zo ook nu, ze richt zich tot haar man, noemt mijn naam en Hans trekt daarop zijn oogleden op en beweegt zijn pupillen omhoog. Op zijn vriendelijke gezicht plooien meer spieren extra lachrimpels om zijn mond die op hun beurt ook bij zijn vrouw een glimlach op het gezicht toveren. “Ja, zo af en toe merk je dat” zegt ze nu met een lach. We praten nog even door over de tijd die verslijt en de mankementen die we als mens in de loop daarvan onvermijdelijk oplopen.

Hans zijn beroep heeft hem er niet van kunnen vrijwaren. Als betrokken huisarts heeft hij vaak genoeg en meer dan eens, stad- en buurtgenoten als patiënt in zijn praktijk gehad en niet alleen behandeld voor een griepje. De goedlachse, aimabele huisarts die hij was ontkwam zelf niet aan de ziekte. Ik zie hem als was het gisteren lachend rondlopen in de stad, in het voorbijgaan vriendelijk groetend met de arm omhoog, een leuk, super sociaal en actief mens.

“Kom, ik loop nog even verder” zegt zijn vrouw, “gaan we straks even samen gezellig thuis lekker een kopje drinken” en nadat we afscheid van elkaar hebben genomen schakelt ze het elektrische ondersteuningsmechanisme in werking en duwt haar echtgenoot het asfalt weer op, de paden op, de lanen in… dag dokter Hans.

Hesthomookweer..

Ik sta op uit de stoel in de wachtkamer als ze m’n naam afroept.. ze geeft me een hand en loopt voor me aan naar haar spreekkamer aan het eind van de gang. “Hoe gaat het” vraagt ze. Tsja, wat zal ik zeggen. De nacht was wat minder als de vorige paar nachten en in de ochtend was al te voelen dat m’n ontsteking wat haperde. “Mwah, het is iets minder vandaag” antwoord ik, maar beter als de laatste keer dat ik twee kamers verder in dezelfde dokterspost zat dacht ik bij mezelf.

Die maandag, een paar weken daarvoor, voelde ik me echt aller belabberdst en dat bleek ook wel te kloppen volgens de ECG die toen afgenomen werd. Het zorgde er voor dat ze op de hartbewakingsafdeling in het nieuw geopende ziekenhuis met een stroomstoot mn hartrime weer in balans brachten. Gelukkig was deze keer het stotterende gevoel een stuk minder vervelend en beter beheersbaar. De operatie die ik vijf maanden hiervoor plotsklaps onderging zorgde ervoor dat m’n hartje door bleef kloppen maar het zorgde er ook voor dat het evenzo plotsklaps met regelmaat onregelmatig begon te stuiteren. Het bleek bij navraag vaker voor te komen, zo verzekerde de cardioloog me. De kans dat ik er op termijn vanaf raakte achtte hij gezien mijn conditie, leef- en eetpatroon eerder waarschijnlijk dan dat ik er blijvend last van zou houden, maar.. garantie tot aan de voordeur. Vervelend gevoel, dat zeker, helemaal omdat wat betreft aanleiding of oorzaak weinig zinnigs te zeggen is, het kan door alles getriggerd worden.

De cardioloog van dienst die afgelopen maandag noemde een hoog alcohol consumptie als mogelijke oorzaak bij de ene persoon, een overmatig gebruik van koffie bij de ander, maar sloot hij zijn verklaring af door te zeggen dat er geen peil op was te trekken. Alcohol gebruik ik nauwelijks en de koffiesloot, die heb ik so-wie-so al behoorlijk gedempt. Wat in alle gevallen wel overeenkomstig was na een hartoperatie was de operatie op zichzelf, best een hele ingreep en uit eigen ervaring weet ik wat voor spanning en stress het oplevert, niet alleen bij mezelf maar ook bij m’n kinderen en directe familie. Ik ben niet van beton maar zeker ook geen Jan-Jeuzel, ik ben meer van het type dat aanpakt en doorzet, schouders eronder en gaan met die banaan. Dat is een beetje de aard van het beestje, maar ja, als je hart begint te stotteren en je ontsteking als het ware hapert, dan is dat toch wel iets dat heel bepalend is, het vreet alle energie uit je. Greetje, de eigenaresse van de chocoladewinkel, waarmee ik een paar weken geleden een kort gesprek voerde, reageerde met de opmerking dat zij van mening was dat ik volgens haar last van hartzeer leek te hebben.

Een gesprek met een psychotherapeut was een voorstel dat van broerlief afkomstig was, dus ja, waarom ook niet? Dezelfde broer had me in de afgelopen maanden ook met meerdere goede adviezen bijgestaan. Dat ik nu bij Petra de Peute, voor de tweede keer in een maand, in de spreekkamer zat was het resultaat. Aan het einde van het eerste gesprek had ze me voorgesteld om er over te gaan schrijven, maar nee.. ‘k wil niet eigenwijs zijn, maar DAT heb heb ik al meer dan genoeg gedaan. Ik ben de historicus en archivaris van de familie en heb echt hele stapels manuscripten bijgehouden over alles en nog wat.

Over de heftige en toch wel emotioneel ingrijpende zaken die in onze familie hebben plaatsgevonden, zaken als ziekte en kanker. Kanker, de ziekte die m’n moeder al op 57-jarige leeftijd op een uiterst pijnvolle wijze van haar leven beroofde en van de planeet af plukte. Kanker, de ziekte die ook m’n lievelingszus op 57-jarige leeftijd vernietigde. Kanker, de ziekte die m’n lievelingsbroer op 50-jarige leeftijd deed wegteren. M’n oudste broer en mijn in leeftijd vijf jaar overstijgende oudere zus zijn eveneens door ziekte al gaan hemelen, hun maximale houdbaarheidsdatum was verstreken. Hun leeftijd lijk ik met een beetje mazzel te kunnen verbeteren. Met zijn afscheid als 70-plusser is mijn vader tot nu toe ‘the champion’ van de familie. Mijn eerste zusje Sophia is met haar zes weken als hongerwinterkindje als jongste van ons allen gaan engelen. Maar … van de negen kiddo’s in totaal zijn we nu nog met zijn viertjes, wie weet dat een van ons met de beker aan de haal gaat? Met een kleine dichterlijke vrijheid lijkt ons familieverhaal bijna op een roman van Agatha Christie, ‘Negen kleine negertjes’.. eentje ging de pijp uit in de nacht, toen waren er nog acht en moedig aftellend naar benee komen we zonder angst en fier, uit op het totaal van vier….

Tsja, het valt niet te ontkennen, het speelt in m’n leven zeker een rol mee, maar of dat het meest bepalend is dat durf ik niet te zeggen. Wat emotioneel misschien van meer invloed geweest is, is de partnerkeuze. Kijk, niets in het leven is perfect en je moet er zelf & samen wat van maken. Maar ja, na dik twintig jaar met mijn eerste partner scheen dat toch geen goede match te zijn. Achteraf bezien is het vooral en met name de vijftien jaar lange relatie met mijn tweede partner die me het meest beschadigd heeft, emotioneel, geestelijk en materieel. Nu, na zes jaar terugblikkend, is de conclusie meer dan helder en duidelijk, afgedankt als mens, leeg- en kaalgeplukt en als een straathond aan de kant getrapt.

Niet dat ik zo’n superjezus of een heilig boontje ben, zeker niet, maar ik was dienstbaar & nodig en dat ik toentertijd ook over een goedgevulde knip beschikte was zeker niet onwelkom. Hartzeer was de diagnose van Chocolade Geertje, en ja, dat had ik ook toen mijn lievelingsbroer na zes weken weggeteerd was. Het was ook toen, dat mijn tweede partner zich geen houding wist te geven. Het was toen dat ze mij in mijn rouwverwerkingsproces bovenop de huid zat, me met de meest onzinnige verwijten om de oren sloeg. Ik zou volgens haar met de verse weduwe van m’n broer aan de haal willen gaan of met de vrouw van mijn jongste broer snode plannen uitbroeden. Met argwaan en achterdocht werd ik door haar achtervolgd.

Zes weken nadat ik voor een afgeladen aula de grafrede van mijn broer had uitgesproken kreeg ik een hartaanval en ook toen moest ik in het ziekenhuis van haar een proeve van bekwaamheid afleggen. Met een vriendin kwam ze de hartafdeling opdraven om te testen of mijn ogen haar minder begerig aangaapten dan haar vriendin. Volgens haar was ik niet voor de test geslaagd, bingo, foute boel dus. Toen ik na veertien dagen weer los en vrijgelaten werd en door alle gedoe van de voorgaande maand lichamelijk en geestelijk iets in onbalans naar huis mocht vertrekken, wachtte me een warm ontvangst. Ze had het met haar vriendin op een akkoordje gegooid, ze ging een tijdje bij haar kamperen en logeren om bij te komen, dat was beter voor haar. Pratend als Brugman heb ik haar over kunnen halen om bij mij te blijven, want ja, het voelde toch wel een beetje onzeker en kut .. thuiskomen in een leeg huis na een hartaanval en daarbij nog in rouw om het verlies van je lievelingsbroer.

Ze bleef nog jaren kleven, toevallig ook net zo lang totdat de koek op was en ik mezelf berooid terugvond als bewoner in een antikraakpand. Helemaal zonder middelen is ook weer niet waar, zij betaalde namelijk graag de 250 piek huur aan de antikraakclub en mocht ik op haar kosten een paar gordijnen, een keukensetje ter waarde van 150 ballen aanschaffen, dus ik kon koken, koelen en wassen. Een flinke doos vol boodschappen uit de overvolle voorraadkelder die ik zelf aangelegd had kreeg ik toegeschoven als voedselpakket, dus ik kon eventjes vooruit. Maar honger, ja.. dat heb ik echt gehad in de zes maanden dat ik samen met andere lotgenoten in die oude school woonde. Na drie maanden stopte de subsidie van de ex-partner, ik moest me maar zien te redden en gelukkig duurde het geen drie maanden extra voordat de sociale papierwinkel afgerond was en ik met terugwerkende kracht de bijstandsuitkering kon opstrijken.

M’n schulden bij Jan-en-Alleman konden afbetaald, voorbij was de tijd van geroofde veldaardappelen, gesjeesde maiskolen, afvalbakkenpatat van de Mac of de roofbroodjes uit de paardentrog. Een bijzondere tijd, het heeft me warme contacten en echte vriendschappen opgeleverd met echte mensen, weer terug gebracht in de wereld waar menselijke warmte meer betekent en waardevoller is dan bezit. November, zes jaar geleden, kreeg ik bericht van de woningstichting dat ik kon kiezen, uiteindelijk uit drie woningen en in december, nu zes jaar geleden, kon ik de voordeur van mijn eigen huis dichttrekken. Van haar niets meer gehoord, nou ja, indirect, dat weer wel.. want over mij niets dan on-goeds, ik was heet op geld zo bleek het geval en is me als een echte kluiskraker een aardige gouddiefstal toegeschreven, dat wist een van de door haar in vertrouwen genomen vriendinnen me te vertellen voor de koeling bij de rosbief in de Lidl.

Een keer is ze nog persoonlijk poolshoogte komen nemen en reed ze langzaam met haar auto door m’n straatje, maar aankijken durfde ze me niet, ‘k stond namelijk buiten met de buren op de stoep voor m’n deur te kletsen. Met haar neus naar rechts en haar donkere manen naar links stuurde ze de rode Japanner zonder ongelukken recht vooruit.

Petra de Peute had mijn relaas hoofdzakelijk stilzwijgend aangehoord, krabbelde af en toe een aantekening en maakte zo nu een dan een opmerking. Ze had iets over het aangaan of afhouden van relaties en kon het zich wel voorstellen dat ik het een beetje gehad had met vrouwen, er wel klaar mee was en geen gedonder en gesodemieter meer wilde. Kijk, nu de knip leeg is vallen de Graaigrieten automatisch al buiten de boot, dat kost nix. Een leuk, lief, aardig en warm mens…, wie weet, maar dat zie ik niet meer gebeuren, er lijken alleen maar zeikwijven vol problemen op de wereld te zijn, was mijn reactie. Nee, geen zin meer in hartzeer. Nah, ‘k moest er volgens Petra de Peute maar eens over gaan schrijven. Ach nee, waarom zou ik, is toch alleen maar gezeur, misschien gaat m’n hartje er ook nog weer van op de hobbel, daar zit ik niet op te wachten. Alleen maar hartzeer en ik hoor het ze al zeggen… hesthomookweer.

Bij de les met Vredeslezing

Tudeluu, Tudeluu..” het is een paar minuten over halfnegen die maandagochtend als m’n smartfoon zich meldt. Ik lig nog een beetje na te soezen van een iets onrustige nacht als ik het gesprek aanneem, “met Bert”. Een vriendelijke vrouwenstem laat me weten dat Anneke aan de andere kant van de lijn hangt. Of ze het misschien verkeerd begrepen had dat ik op een andere dag bij haar voor groep 8 sta om een gastles te verzorgen.

M’n hart slaat – niet alleen van schrik – een paar slagen over en het laatste slaperige restje in m’n hoofd is op slag verdwenen. Slik… was dat vandaag? “Staat dat op vandaag gepland?” vraag ik verschrikt, “ik dacht volgende week, de 10e?” Nee hoor, volgens haar agenda stond het voor deze maandag gepland, sjips, dat is ook een ding. Hoe of we dat oplossen. Verschuiven naar een andere dag of stante pede onder de douche, in de kleren en de auto en voor de klas. Het is even snel schakelen. De school in kwestie is nauwelijks 6 km hier vandaan verwijderd en met een beetje mazzel denk ik binnen een minuut of 20 schoongewassen en geborsteld compleet met entourage voor de groep staan. Zo wordt het afgesproken.

Onderweg naar de douche wek ik m’n dochter die de afgelopen dagen als een soort van engelenbewaarder bij haar vader slaapt & waakt en vraag haar of zij m’n spullen in de auto kan plaatsen terwijl ik mezelf onder de waterstralen opfris. Het loopt gesmeerd en geolied en als ik even later in de keuken snel een hardgekookt ei snaai en mn medicijnen in m’n broekzak druk heeft zij alles al achter in mn twingo geprakt. Vier kisten vol met authentiek leskistmateriaal, propaganda uit WOI en WOII, inclusief een trosje helmen, een set geweren, bajonetten en andere zaken die van pas kunnen komen. Veel te veel, maar ja, dan grijp ik niet mis en even later ben ik onderweg naar de school.

De kinderen zien me door het raam al aankomen en zwaaien als ik de auto op het schoolplein vlak voor de deur parkeer. Binnen no-time hebben een stel sterke tieners de spullen het klaslokaal ingedragen en staat er een dampende mok met koffie klaar. “Ze zijn helemaal voor u” zegt Anneke, de leerkracht van groep 8 en wijst op de groep die in een kring voor het digibord zit. Ik til een tafeltje van een van de leerlingen naar me toe en plaats daarop mijn lesmap en steek van wal. Ik vertel hun dat ik zelf net onder de douche vandaan kom en dat ik hen ook onder de douche ga zetten, geen gewone douche maar een geschiedenisdouche. Ik overspoel ze met een hoop aan informatie en doe dat bewust, maar.. ze moeten nix maar mogen alles onthouden wat ze kunnen. Belangrijk is dat ze verder niets anders hoeven te doen als lekker onderuit en relaxed op hun stoeltje te zitten.

Dat hoef ik in de regel nooit twee keer te zeggen en ook deze keer zie ik alle kinderen onderuitzakken op hun stoel en een makkelijke houding aannemen. Hier en daar zie ik al wat vragende blikken want ja, er zou toch iemand komen die over de geschiedenis zou komen vertellen? Iets over ‘de’ oorlog, over Adolf Hitler en concentratiekampen en nu hoeven ze alleen maar onderuit te gaan hangen? Ik begin met hen te vragen hoe oorlog eigenlijk ontstaat, misschien dat iemand me daar een antwoord op kan geven. Er gaat een voorzichtig vingertje omhoog en een blond gebrild kereltje vertelt me dat Adolf Hitler alleen maar blonde mensen leuk vond, de knul ernaast vult aan dat de Duitsers ‘de’ oorlog begonnen waren omdat ze boos waren dat ze de kosten moesten betalen van de vorige oorlog en een meisje vooraan in de kring sluit daarop aan dat Hitler een hekel had aan joden en dat die allemaal dood gemaakt werden.

Dat zijn goede aanknopingspunten om de ochtend te beginnen en ik vraag hen hoe ze aan die kennis komen want ja, ze zijn zelf iets van 11 – 12 jaar oud en die oorlog waar ze het over hebben is al bijna 70 jaar geleden gestart, dus uit eigen ervaring komt die kennis niet. Opa, oma, juf, school, internet, boeken.. er komt een heel scala aan bronnen boven water. “Aha” .. zeg ik “dus als ik het goed begrijp was er eens een mannetje met een gek snorretje en die zwiept zijn rechterarm rechts omhoog waarop de Duitsers dan oorlog gaan voeren.” Terwijl ik dat zeg voeg ik de daad bij het woord en kleef mijn linkerwijsvinger onder de neus, zwaai m’n rechterarm schuin de lucht in en stap in paradepas de kring in “eins, zwei, eins zwei” roep ik bars en marcheer met vinger onder de neus en arm omhoog in een paar passen terug naar het tafeltje met m’n lesmap. De kinderen liggen in een deuk, dat hadden ze niet verwacht. Ik ga nog even verder in mijn rol door in overduidelijk nepduits pief, paf, poef te roepen en daarbij met een denkbeeldig geweer alle denkbeeldige vijanden “dooth te sgietun”.

Het is het begin van een leuke en leerzame ochtend en neem de kinderen – en de leerkracht met klasse assistente – mee in een verhaal waarin vooral en met name het ZELF denken centraal staat. Dat elke oorlog het resultaat is van misleiding en bedrog en dat het eigenlijk onbegrijpelijk is dat de mensen zich nog steeds in de luren laten leggen en voor laten liegen. Dat elke oorlog alleen maar verliezers kent, dat de oorlog geen computerspelletje is, geen game, geen call of duty. Ik neem de klas mee in een luchtig en met humor gelardeerd toneelstuk en toon simpele voorbeelden van misleiding, neem ze mee op ontdekkingsreis naar het hakenkruis, de gestrekte armgroet en koppel de tijd met voorbeelden van toen aan die van nu.

Met duidelijke en herkenbare voorbeelden laat ik ze zichzelf op het verkeerde been zetten en toon daarna met voorbeelden aan dat wat je denkt te zien of te weten helemaal niet zo hoeft te zijn. Het heilige hout doet zijn rondje onder de leerlingen die het brok paardenkastanjehout vol ontzag aan elkaar doorgeven, er aan ruiken, voelen en pulken en marcheren ze aan het eind van de ochtend met veel enthousiasme gewapend en gehelmd het lokaal uit om even later geconfronteerd te worden met het feit dat ze zich toch wel heel gemakkelijk als makke schapen naar de slachtbank lieten leiden.

Alles met elkaar is het leuke en voor de kinderen leerzame ochtend, aldus juf Anneke van de Lichtboei, die de volgende reactie neerpende: “Een Vredesonderwijsochtend. Super interessant, echt pakkend voor de leerlingen. Vernieuwend Geschiedenis gekoppeld aan de tijd van nu! Aansluitend op ons onderwerp van geschiedenis.”

De leerlingen helpen me natijd met het inladen van alle spullen en tegen half een die middag rijd ik weer richting huis. Moe, dat wel en ik merk dat de hartoperatie van juni dit jaar m’n lichaam niet onberoerd gelaten heeft, maar het is heerlijk om voor de klas te staan, om het verhaal te vertellen, het geeft me ook weer energie. Als ik met elke gastles maar 1 kind kan bereiken, dan heb ik wat bereikt. In die veertien jaar dat ik dit nu doe heb ik met elkaar denk ik iets van 600 scholen in Nederland bezocht, voor honderden leerkrachten en ruim 15.000 kinderen gastlessen Vredesonderwijs verzorgd. Hoe lang ik daar mee door kan gaan? Dat hangt behalve van m’n gezondheid af van de financiële middelen, want ja, ergens moet dit uit betaald worden. ‘Vroeger’ ging het pro-deo, betaalde ik het uit eigen zak, maar ja, toen had ik als succesvol oud ondernemer nog wat in kas.

Als bijstandsgerechtigde zit dat er nu niet meer voor me aan en het is dat de Gemeente en ook een schoolkoepel wat geld beschikbaar hebben gesteld aan de stichting Vredesonderwijs om de kosten te dekken. Voordien betaalden de scholen het elk afzonderlijk uit een of ander potje en als er geen sponsors komen zal dat ook in de toekomst het geval blijven schat ik zo. Zelf houd ik er geen knoop aan over, ik heb m’n uitkering dus eet & adem, that’s life. Maar.. zo lang als het kan en mogelijk is wil ik met dit geweldige werk door blijven gaan en ik hoop dat mijn telefoon met regelmaat blijft gaan, niet om me aan een verslapen afspraak te herinneren maar om me uit te nodigen een gastles te verzorgen, voor scholen in het lager en middelbaar onderwijs, verenigingen, serviceclubs, etc.. laat die telefoon maar overgaan.. “Tudeluu, Tudeluu..”

Van Marrakesh naar Wereldrijk

Het door de politiek vrijwel doodgezwegen maar tegelijk veel omvattende Verdrag van Marrakesh is niet het gevolg van door oorlogen veroorzaakte vluchtelingstromingen maar heeft deze al lang geleden geplande en massale verplaatsing van enorme mensenmassa’s over de wereldbol heel andere  en sinistere achtergronden. Met leugen, list en bedrog worden de wereldburgers misleid en op een desastreuze ramkoers gebracht en daarbij politiek, religieus en etnisch tegen elkaar opgezet.

Vanachter de schermen is door fantastische utopisten altijd en onophoudelijk gestreden voor een grenzeloos superrijk, waaronder een Europees Rijk, waar zij zonder gehinderd te worden door nationale regeringen, grenzen, wetten, bepalingen of munteenheden hun gang konden gaan. Een afgeschermde grenzeloze super-markt, een volledig door hen gecontroleerde afzetmarkt met miljoenen consumensen, overgeleverd aan hun onbegrensde hebzucht en graaizucht. De Engelse econoom John Perkins schreef o.a. hierover in een paginagrote weekendbijdrage in het NRC op zaterdag 25 maart 2006, pag. 15, die afgedrukt werd onder de kop “Het nieuwe economische wereldrijk gebruikt slaven om de eigen leiders te verrijken”.

In het boek ‘Oorlog is misleiding en bedrog’ wordt ook het een en ander over de achtergronden uit de doeken gedaan:

Onder leiding van Cecil Rhodes werd rond 1877 een geheim en invloedrijk genootschap opgericht, het Anglo-American Establishment, het AAE. Absolute Engelse wereldheerschappij en de vorming van een Angelsaksisch Wereldrijk was het einddoel van dit genootschap. Om dat gedroomde imperium te realiseren was het volgens Rhodes noodzakelijk “het Engelse Rijk machtiger te maken, de hele beschaafde wereld onder haar invloed te brengen, de Verenigde Staten van Amerika én het hele Angelsaksische ras in één Rijk onder te brengen.” Het van delfstoffen en andere rijkdommen vergeven Afrikaanse continent zou hiervan als plundercontinent onlosmakelijk onderdeel moeten uitmaken.

De vorming van dat Angelsaksische Wereldrijk moet o.a. bereikt worden door een mensen beheersysteem dat omschreven kan worden met de woorden kolonisatie door (e)migratie. Geregisseerde, wereldwijde massale volksverhuizingen die ontheemding en daardoor destabilisatie veroorzaken met angst en chaos als resultaat waardoor de roep om (nieuwe)orde het logische gevolg zal zijn. De Amerikaanse politicoloog professor Robert Putnam zou op 30 juni 2008 het gevolg van ‘kolonisatie door (e)migratie’ in zijn studie ‘E Pluribus Unum’ (Latijns voor ‘uit velen één’) onderschrijven. Voor hem was duidelijk dat sterke etnische diversiteit het sociale kapitaal zou verminderen.

Door de massale volksverhuizingen en de daarmee sterk toenemende etnische diversiteit raken mensen ontheemd waardoor ze zich als een schildpad terugtrekken in hun schild. Het vertrouwen in de maatschappij in zijn geheel neemt af. De sociale (ver)binding neemt radicaal af en samenwerking en vertrouwen in de samenleving verdwijnt.”

Dit controlesysteem is al eeuwenoud en werd al even zolang toegepast door de elites in hun streven naar absolute macht. De Inca-elites bijvoorbeeld, die over het grootste wereldrijk ooit regeerden, pasten het tot de komst van Columbus in 1492 met succes toe. Om alle volken in het door hen gecreëerde rijk cultureel, religieus en economisch gelijk te schakelen verjoegen ze “hele bevolkingsgroepen van hun land om ze naar een ander gebied te sturen waar ze gedwongen werden samen te werken met andere groepen.”

Dit onderwerp en meer te lezen in Oorlog is misleiding en bedrog, Fre Morel, recente heruitgave bij Uitgeverij de Blauwe Tijger, Groningen.

“Barbertje moet hangen”

Koos Spee, de alom bekende, voormalig landelijk verkeersofficier van Justitie en rechtsadviseur van het college van procureurs-generaal zet grote vraagtekens bij rechtsvervolging van de ‘Blokkeerfriezen’.

Terwijl notabene dit jaar meer dan 16.000 – met goed resultaat oplosbare – aangiftes en registraties van misdrijven stop gezet zijn is daarnaast ook nog eens het formidabele aantal van 23.000 andere zaken onbehandeld op de plank blijven liggen. Zaken die betrekking hebben met geweldsincidenten, winkeldiefstallen, etc. waarvoor geen capaciteit is en waar het wachten is op beschikbare rechercheurs. Hoe bijzonder en curieus dat er dan wel veel tijd, energie en mankracht gestoken kan worden om de ‘Blokkeerfriezen’ te kunnen veroordelen.

Op Twitter meldde Spee op donderdagmorgen 29 november om 10.02 uur dat hij inmiddels wat vonnissen gelezen had met bijdragen over de Blokkeerfriezen Als ik het goed zie is er ontzettend veel tijd door de politie, het OM en de rechters in gaan zitten om tot een veroordeling te komen. Dus die tijd is kennelijk wel vrij te maken als ‘Den Haag’ dat wil.”

Waarom eigenlijk? Volgens Spee is er helemaal geen sprake van een misdrijf, maar eerder van een overtreding van artikel 5 van de Wegen Verkeerswet. De nu als Blokkeerfriezen te boek staande Noordelingen zijn niets anders dan een stel moedige en kordate Friezen die op de A7 met succes hebben geprobeerd in een waarlijk klassiek voorbeeld van burgerlijke ongehoorzaamheid en geweldloos verzet een groep Amsterdamse reltrappers te laat op een kinderfeestje te laten aankomen. Daarvoor kon wel capaciteit voor worden vrijgemaakt!

Geen kritisch woord over de rol van burgemeester Waanders die op zijn minst als opruiend gekenschetst moet worden. Haar rol is allesbepalend geweest in dit hele theaterstuk. Het was juist door haar bemiddeling dat de als extreem linksradicale actiegroep aangemerkte KOPZ uitgenodigd werd om bij de intocht aanwezig te zijn. Ook de als extreem rechtse groepering NVU werd nota bene door Waanders uitgenodigd maar ondanks herhaaldelijk verzoek bedankte deze voor de eer.

Spee Twitterde vervolgens “Vandaag Kamerdebat over misdrijven met daderindicatie die bij de politie op de plankblijven ligen. Kan een Kamerlid vragen waarom er wel veel tijd in de zaak vd ‘Blokkeerfriezen’ gestoken is? Die zaak had misschien met een geldboete voor art 5 WVW kunnen worden afgedaan.”

Dat men in ‘Den Haag’ volgens een verborgen agenda lijkt te handelen lijkt moeilijk te ontkennen. Het Openbaar Ministerie heeft zelfs beroep tegen het vonnis aangetekend omdat men vindt dat deze te laag is uitgevallen, ‘Barbertje moet hangen’, iemand moet de schuld krijgen, of hij of zij het nu gedaan heeft of niet. Geen falende burgemeester Waanders, maar men wil Jenny Douwes en de overige 33 andere Blokkeerfriezen op het schavot. Rechtspraak is kromspraak geworden!