Home » Columns

Category Archives: Columns

Tegenstellingen & Overeenkomsten

Noam Chomsky, een van de invloedrijkste en meest geciteerde Joods-Amerikaanse intellectuelen van de 20e eeuw en Adolf Hitler, 19e eeuws Duits politicus en staatshoofd hebben onverwachte en opmerkelijke raakvlakken wat politieke economie betreft. In de film Requiem for the American Dream die op 18 april 2015 in première ging benoemde Chomsky tal van zaken die ook te beluisteren zijn in de rede die Adolf Hitler in 1933 hield.

Op 10 november van dat jaar hield Hitler in de montagehal van de Siemens Werke in Berlijn zijn laatste speech voorafgaand aan de Rijksdagverkiezing en het te houden referendum. In dat referendum konden de Duitsers zich uitspreken of Duitsland zich wel of niet uit de Volkenbond terug moest trekken.

De rode draad die door de documentaire loopt is dat de uiterst ongelijke verdeling van rijkdom en macht elke democratie ondermijnt. Volgens Chomsky is het een kleine kliek superrijken, het internationaal opererende kapitaal, de financiële instituten en Multinationals die de maatschappelijke en economische ongelijkheid in stand houden. Masters of mankind, zoals de Schotse moraalfilosoof en econoom Adam Smith hen al beschreef in zijn in 1776 verschenen Magnus Opus The wealth of nations. Listige kooplieden, financiers en fabrikanten die het motto “All for them selves and nothing for other people” toegedaan waren. Vrij vertaald kwam het als volgt neer op “Ik voor mezelf en God voor ons allen”, uitbuiting en verrijking ten koste van de minder bedeelden. Voor Adam Smith was duidelijk dat “Free circulation of labour is the foundation of any free trade system but workers are pritty much stock, the wealthy and privileged, they are protected”.

In Requiem for the American Dream komt Noam Chomsky net als Adams tot een gelijke conclusie. De Amerikaanse droom, werken aan een goede, financieel gezonde en veilige toekomst was door sociale economische afbraak als Out-sourcing volledig teniet gedaan. Chomsky: “Highly payed professionals are protected, … capital is free to move, workers are not free to move, labour can not move, but capital can.. “

Het was opmerkelijk genoeg inhoudelijk gelijk aan de door Hitler op 10 november 1933 gehouden speech in Berlijn:

De strijd tussen de volken, of de onderlinge haat wordt door bepaalde belanghebbenden in stand gehouden. Het is een kleine, nergens gewortelde internationale kliek die de volken tegen elkaar ophitst, die niet wil dat ze tot rust komen. Het zijn de mensen die overal en nergens thuis zijn, die nergens een plek hebben waar ze zijn opgegroeid maar die vandaag in Berlijn wonen, morgen desnoods in Brussel, overmorgen in Parijs of in Praag, of in Wenen of in Londen en zich overal thuis voelen. Het zijn de enige mensen die je werkelijk ‘internationale elementen’ (wereldburgers) kunt noemen omdat zij overal zaken kunnen doen. Maar het volk kan hen niet volgen. Het volk is geketend aan zijn grond, geketend aan zijn vaderland. Is gebonden aan de mogelijkheden tot leven die zijn staat hem biedt, de natie..”

Zomerzon & Oorlogswind

Het is begin april 2018, de temperaturen stijgen langzaam en het voorjaar lijkt een aanvang genomen te hebben. Door zomerzon beschenen schuifelen de burgers in Nederland van huis naar tuin. De grond wordt omgewoeld, zaadgoed gezaaid en plantjes gepoot. Kinderen spelen buiten in het zand en ouders en buurtgenoten kijken genietend toe. Geen vuiltje aan de lucht, zo schijnt het maar schijn bedriegt.

Op het zelfde moment maar op en ander deel van deze wereldbol verduisteren stofwolken de lucht, wordt de grond door granaten omgewoeld, zaait men granaten en worden niet alleen de planten maar elk mogelijk leven vernield. Kinderen worden geslachtofferd in het smerige oorlogsspel, volwassenen verminkt en vermoord in landen zoals in Yemen of Syrië om maar een paar brandhaarden te noemen. Er waait een venijnige oorlogswind en het lijkt in kracht eerder toe dan af te nemen.

Voor verreweg de meeste mensen een soort van ver-van-mn-bed-show. Een inconvenient truth, een onprettige werkelijkheid, die men niet wil zien of waar wil hebben. Maar het is als een verraderlijke veenbrand die onder de oppervlakte steeds verder oprukt en onherroepelijk tot ontbranding zal komen als niet op tijd wordt ingegrepen. Het is nog maar de vraag of de mogelijkheid en gelegenheid daartoe nog aanwezig is. Men wend zich politiek correct af van de tekens die bijkant van de wand geschreeuwd worden, het kan niet, het mag niet en het zal niet.

Massief en massaal misleid door alle mogelijke (social) media verstrijkt levensbelangrijke tijd en ankert zich de leugen vast in het collectief bewustzijn. Aangevuurd, gefinancierd en bewapend door oorlogshitsers van allerlei pluimage vernietigen geloofsgenoten elkaar vol overgave. Leugenmeesters weten eeuwenoude religieuze tegenstellingen in de strijd te werpen, goedgelovigen betwisten elkaar op leven en dood de absolute vrede. Een eeuwige strijd die onveranderd maar een gruwelijke uitslag kent. De verslagenen wereldwijd verdreven, het eigen land vernietigd, de haat en fanatisme in zich meeslepend als smeulend vuur dat broeit en elders opnieuw zal ontbranden.

Het is april, 2018, Nederland maakt zich op voor de jaarlijkse oorlogsviering. Gehuld in khakigroen in truck en tank speelt men vol overgave ‘de’ oorlog na. Slingers aan de bomen, vlaggen uit het raam, Oranje boven, stempelkaarten, Anne Frank. Het is feest en nooit meer oorlog… nie wieder krieg, no more war.. en ondertussen vallen de bommen en granaten. Het gaat niet over, het houdt nooit op, niet vanzelf …

I Warned You! – E.D. Morel

by Bassano, whole-plate glass negative, 12 December 1923

In september 1917 werd Edmund Dene Morel veroordeeld en gevangen gezet. De reden dat de Britse journalist, auteur, pacifist en socialistisch politicus in de Pentonville gevangenis opgesloten werd had alles te maken met het feit dat hij een boekje opendeed over de oorzaken en veroorzakers van de Grote Oorlog. In de drie jaren navolgende aan de oorlog die in 1914 uitbrak had hij onophoudelijk gewezen naar de kwalijke rol die Engeland daarin op basis van haar geopolitieke beleid speelde.

Morel stelde de tussen het Britse Rijk, Rusland, Frankrijk en Italië aangegane geheime verdragen ter discussie en wees op de oorlogskoers die de politieke verantwoordelijken ingeslagen waren. Morel stelde de bepalende rol van het Tsaristische Rusland aan de kaak in de brochure Tsardom’s part in the war (De rol van het Tsarisme in de oorlog). Het leverde hem zes maanden opsluiting op onder zwaar regime met grote fysieke en mentale gevolgen als resultaat.

Morel toonde aan dat de Entente mogendheden door haar gevoerde politiek, voorgenomen acties en ondernomen daden een grote, zo niet de grootste verantwoordelijkheid droeg voor het uitbreken van de oorlog in 1914. Dat juist Duitsland tot het uiterste had gepoogd de mensenslachting te voorkomen door haar bondgenoot Oostenrijk-Hongarije ertoe te bewegen akkoord te gaan met bemiddeling. Dat het niet Duitsland maar juist Rusland was die als eerste haar legers mobiliseerde; op 29 juni 1914 tegen Oostenrijk-Hongarije en in de nacht van 29 op 30 juni 1914 tegen Duitsland.

Duitsland protesteerde hiertegen en stelde hierop een ultimatum aan Rusland waarop deze geen antwoord gaf, waarna Duitsland geen andere keuze bleef haar eigen leger te mobiliseren. De politiek correcte geschiedschrijving heeft nadien de rol van de geallieerden ondergeschikt gemaakt en die van de Centralen uitvergroot. Toen, nu en in de toekomst is door het muilkorven van het vrije woord een onwaarachtige weergave de werkelijkheid. Dat Duitsland gedwongen en tegelijkertijd wel genoodzaakt was haar leger te mobiliseren wordt o.a. onderschreven door de Russische generaal Obruchevin. In een nota aan zijn minister van Oorlog schreef hij:

”mobilisatie kan niet langer gezien worden als een handeling om de vrede te bewaren maar moet integendeel beschouwd worden als de meest duidelijke oorlogsdaad. Mobilisatie is het begin van de feitelijke oorlogshandelingen en zodra tot mobilisatie is besloten zullen diplomatieke activiteiten uitgesloten moeten worden. De minister moet zich dan ook realiseren dat, gezien de huidige spanningsvelden in Europa, het onmogelijk zal zijn de oorlog op het continent nog gelokaliseerd te houden”.

Ook de Franse generaal Boisdeffre was hier duidelijk in. In een gesprek met de Russische Tsaar vertelde hij het volgende: ”Mobiliseert men, dan dwingt men de vijand het zelfde te doen. Men kan de vijand niet toestaan ‘n miljoen man aan de grenzen te mobiliseren zonder dat zelf ook te doen op straffe van de onmogelijkheid zichzelf nog te kunnen verdedigen of het initiatief te nemen. Mobilisatie is dan ook het zelfde als een oorlogsverklaring.

Ook nu, 2018, zijn onverantwoordelijke Engelse, Amerikaanse, Franse en Duitse politici als May, Trump, Macron en Merkel actief om op basis van morbide geopolitiek een oorlogskoers uit te zetten en deze na te volgen, ditmaal tegen Rusland. Wat velen niet lijken te beseffen is dat West-Europa hierbij het beoogde slachtveld zal zijn. De geschiedenis kan zich enkel herhalen omdat mens faliekant misleid en bedrogen wordt!

Yes, Very Serious, Indeed!

Zie hier de 66-jarige Sergei ViktorovichSergei Skripal. Voormalig Russisch spion, later dubbelspion in dienst van de Britse MI6. In 2004 opgepakt en in 2006 in Rusland veroordeeld tot 13 jaar gevangenisstraf. Na 4 jaar te hebben uitgezeten in 2010 vrijgekomen door een spionnenruil en sinds 2011 als Brits staatsburger woonachtig in Salibury. Op 4 maart 2018 samen met zijn dochter onwel op een parkbankje door een toevallig passerende dokter & verpleegster van de dood gered. Skripal en zijn dochter zouden het slachtoffer zijn van een zenuwgas aanslag.

De Engelse premier May, de Amerikaanse president Trump, de Duitse bondskanselier Merkel en de Franse president Macron zijn er 14 maart 2018 van overtuigd dat Rusland achter de aanslag zit. Volgens de Britse minister van Buitenlandse Zaken Boris Johnson heeft de Russische president Poetin hoogstwaarschijnlijk persoonlijk opdracht heeft gegeven voor de vergiftiging. Volgens de Nederlandse minister-president Rutte is de verklaring dat Rusland vrijwel zeker verantwoordelijk is voor de zenuwgasaanval zeer geloofwaardig. “Zeer zorgwekkend” noemt de Nederlandse ministerraad deze gebeurtenis op 16 maart 2018, yes, very serious, indeed!

Inderdaad “zeer zorgwekkend” dat de bovengenoemde politici met hun opstelling nog verder insturen op de oorlogskoers die al enige jaren geleden is ingezet. Een alles dodende en vernietigende koers met een tevoren gedoodverfde veroorzaker, Rusland en haar president Putin met West-Europa als beoogd slagveld! Oorlogsdreiging als vergelding op een vermeende aanslag op een bejaarde dubbelspion, is dat de prijs die de wereld daarvoor moet betalen? Als deze dodelijke gesel de wereld zal treffen dan zijn het May, Trump, Merkel, Macron, Johnson en Rutte, hun naam zal dan voor eeuwen in het collectief bewustzijn gegrift staan als medeverantwoordelijken en mogelijk zelfs als aanstichters!

Yes, Very Serious, Indeed!

Oorlogstegenstanders de mond gesnoerd

propagandaDat de Europese burgers in de aanloop naar de Grote Oorlog lijdzaam aan de kant hebben gestaan kan niet gezegd worden. In alle Europese landen werden met name door socialistische bewegingen de politieke ontwikkelingen nauwlettend gevolgd. Tegen de rampzalige oorlogskoers van hun regeringen werd niet alleen binnen de politieke arena maar ook op de straat en in bijeenkomsten geprotesteerd.

Fré Morel

In Duitsland, Frankrijk, Engeland, België, Nederland, Scandinavië, overal waren politiek goed georganiseerde tegenstanders van de oorlogspartijen actief. Dat met deze oppositie afgerekend moest worden vóórdat het grote bloedvergieten kon beginnen, was ook aan de oppositie bekend en had men zich hiertoe tot de tanden bewapend. Wat echter voor niet mogelijk werd gehouden, gebeurde tóch. Wat in jaren opgebouwd was en als solide tegenstand werd beschouwd, werd in ultra-korte tijd van de kaart geveegd. Bijeenkomsten tégen de voorgenomen oorlogsplannen werden door de heersende bestuurskliek uitgelegd als niet vaderlandslievend en verboden. Wie het niet eens was met de gevolgde oorlogskoers werd al snel al landverrader en spion betitelt en het wapen van het woord – de media – stortte zich op deze met de vijand heulende collaborateurs. Jean Léon Jaurés, de belangrijkste Franse socialistenleider en oorlogstegenstander werd letterlijk en figuurlijk monddood gemaakt.

Op 31 juli 1914 werd Jaurés in het café naast het redactiekantoor van L’Humanité – zijn krant – vermoord door Raoul Villain die als revanchist voorstander was van een oorlog met Duitsland. De volgende dag – 1 augustus 1914 – was het officiële begin van de Franse mobilisatie. Villian overleefde de slachting in de cel en werd als dank voor zijn daad na de oorlog vrijgesproken omdat „hij de natie een grote dienst had bewezen”. De oorlogshitsers wisten de daad van Villian naar waarde te schatten „Zonder zijn moordaanslag had Frankrijk nooit de oorlog kunnen winnen”, zoals in het vonnis dat hem vrijsprak stond te lezen.

Bij het uitbreken van de oorlog werd alle media onder controle van de overheid geplaatst en deed de censuur zijn intrede. Alleen politiek gewenste berichtgeving was nog toegestaan. Via hun eigen kranten probeerden de socialisten in het begin hun volgelingen nog aan te sporen „wij roepen u op vol te houden”. De Engelse socialisten stelden een manifest tegen op tegen Engelse deelname aan oorlog „Arbeiders van Groot-Brittanië. Gij hebt geen strijd met de arbeiders van Europa. Zij hebben geen strijd met u. De heerschende klassen hebben strijd. Maakt dien tot den uwen. Een miljoen socialisten in Oostenrijk heeft geprotesteerd, miljoenen hebben in Duitschland geprotesteerd. Verlaat ze niet. Vereenigt u met de Fransche en Russische arbeiders en zegt tot de regeering: wanneer gij den oorlog verklaart, wij verklaren den vrede.”

„Wat hebt gij bij een oorlog te winnen? Twintigduizend arbeiders werden in den Boerenoorlog doodgeschoten. Noch thans betaalt gij ieder jaar 12 miljoen pond voor ondersteuning der nagelaten betrekkingen. Maar den Zuid-Afrikaanschen arbeider gaat het slechter dan ooit. Slechts de rijke magnaten hebben gewonnen….. De heerschende klassen willen niet zelf vechten, zij willen u tot het vechten oproepen. Geen regeering kan oorlog maken, wanneer het volk vrede wil. Zegt het! Marscheert langs de straten en zegt het. Gaat op pleinen en markten en zegt het, zegt het overal… Weg men den oorlog!”

De belanghebbende bestuurskliek liet daarop andere voorstanders van oorlogsdeelname aan het woord, zoals de Anti German Union en de Imperial Maritime League reageerden daarop dat „de Engelse industrie en de Engelse handel verdedigd moest worden tegen Duitse mededinging”, gestreden moest worden tegen Duitse invloed op sociaal, financieel, industrieel en politiek leven en dat „Duitsland verdreven moest worden uit de Engelse handel en industrie”. Onder het motto: „Duitsland onder alles”, moest „Duitsland vernietigd worden en nooit meer kunnen opstaan”.  Onder de massieve druk van de machtige oorlogshitsers verloren de verschillende socialistische bewegingen terrein en gingen stuk voor stuk – tegen alle gemaakte beloftes en afspraken in – overstag.

Zo liet de Duitse sociaaldemocraat Hofmann weten dat het Duitse volk stond „voor een historische gebeurtenis, die het bestaan van het rijk kan bedreigen en misschien allen tot den laatsten man ter verdediging van het Vaderland zal opeischen. Wanneer binnen eenige dagen het Duitsche volk te wapen mocht worden geroepen, zullen óók de socialisten het vaderland verdedigen.” De koers werd scherp bijgesteld en lieten de socialisten weten dat zij in het geval van een opgedwongen oorlog – dus als zij werden aangevallen – de wapens zouden opnemen en hun land zouden verdedigen.

Het duurde dan ook niet lang dat de toon van de socialistische publicaties veranderde. Men beriep zich erop dat de sociaal-democratie er alles aan gedaan had „wat in haar macht stond om den oorlog te voorkomen”, en dat zij iedere verantwoordelijkheid daardoor van de hand wees. Maar, óók de (Duitse) socialisten zouden hun vaderlandse plicht doen als het vaderland door agressieve Russische plannen werden bedreigd. „Duitsche vrouwen en kinderen mogen niet de slachtoffers van Russische bestialiteiten worden”. Onder ferme, ronkende koppen als „Weg met het Tsarisme! Weg met de beschermer der barbaarschheid!” trokken de pacifistische socialisten ten strijde tegen hun broeders. Russen tegen Duitsers, Fransen samen met de Russen tegen de Duitsers, Duitsers samen met de Oostenrijkers tegen de Fransen en Russen, Engeland met Frankrijk en Rusland tegen Duitsland, Oostenrijk, Turkije.. iedereen vocht en moordde!

Machtige belangengroepen hadden opnieuw laten zien hoe groot hun macht was en als op commando roeiden miljoenen mensen elkaar op de meest gruwelijke manier uit. Niet om vrijheid, veiligheid en democratie te verspreiden, maar enkel om de macht te vergroten van een kleine kliek die hun eigen benepen belang stelt bóven dat van de overgrote meerderheid van de wereldburgers.

Ramsay MacDonald, Engels socialistisch politicus zag het duidelijk en trad na Engelse deelname aan de ‘Groote Oorlog’ uit protest terug uit het kabinet: „Wij strijden niet voor de onafhankelijkheid van België, naar wij strijden, omdat wij tot de Triple Entente behooren, omdat de politiek van buitenlandsche zaken sinds een reeks van jaren anti-Duitsch georienteerd is geweest, en omdat deze politiek door een geheime diplomatie is gevoerd van uit het gezichtspunt, bondgenootschappen te sluiten tot behoud van het Europeesch evenwicht.” Edmund Dene Morel, het Engelse Lagerhuislid en mensenrechtenactivist, liet in 1914 weten dat „miljoenen moeten boeten op de velden van de krankzinnige mensenslachting voor de zonden, de gebreken en de dwaasheden van weinigen”. Met een variatie op deze uitspraak zou Winston Churchill zich overigens enkele tientallen jaren later onsterfelijk maken.

Vruchtbaar Februaar

Maanwolf

Op basis van de stand van de Maan & Zon worden al eeuwenlang rituelen gevierd met betrekking tot vruchtbaarheid en (her)geboorte, zo ook rond de tweede nieuwe maan in het jaarwiel. Wat nu bekend staat als Valentijnsdag is niets anders dan een Heidense ritueel dat met een christelijk sausje is overgoten.

De religieuze duiding die aan dit ritueel gegeven is verwijst naar een priester die zijn hart verloren had aan een jonge vrouw en weigerde het christendom op te geven. In het jaar 269 zou priester Valentijn op 14 februari het leven verliezen aan de gevolgen van de vreselijke marteling die hij te verduren kreeg. Voor zijn geliefde liet hij een kort bericht achter dat ondanks dat zijn leven hem ontnomen was zijn hart haar toebehoorde.

Voorafgaand aan de Kerstening van dit ritueel werd het in de tijd van de Romeinen gevierd onder de noemer Lupercalia. Het was een driedaags vruchtbaarheidsfeest ter ere van de god Lupercus, die met zijn wolvin Luperca vurig en uitbundig de liefde bedreef. Priesters gehuld in bokkenhuiden en gewapend met zwepen van bokkenleer sloegen ter bevordering van de vruchtbaarheid de vrouwen. Jonge, geslachtsrijpe, mannen en vrouwen werden gedurende die periode aan elkaar verbonden en gaven zich gedurende drie dagen aan elkaar over om te komen tot een vrucht-barend eindresultaat. Volgens overlevering heeft Luperca de stichters van Rome – Romulus en Remus – gebaard en groot gebracht.

Voorafgaand aan de Romeinse duiding stond het in de Griekse mythologie te boek als een driedaags feest ter ere van de vruchtbaarheidsgod Pan. Pan was de god van het woud en het dierlijke instinct en was hij, compleet met horens, baard, bokkenpoten en staart, als volwassene geboren. Met zijn zaadbrengende fluit bevruchtte hij het huis. In andere tijden en streken stond het vruchtbaarheidsfeest bekend als het naar de maan-huilende wolf. Een drie dagen durend vruchtbaarheidsfeest, waarin naar hartelust gedronken, gegeten en gepaard werd. Valentijn een eeuwenoud wielfeest! (zie ook de woordverwantschap & verbinding tussen Oor- /Ur- /Oer-/ Eer(ste) .. en spring-(bron) /sprong- /kelijk)

Vom Rath & Rassenschande

Vom Rath 001Op 7 november 1938 werd in Parijs de 29-jarige Duitse diplomaat Ernst Eduard vom Rath vermoord. De moordaanslag was het werk van een 17-jarige tiener van Pools-Joodse komaf, Herschel Grynszpan. De dood van de Duitse diplomaat is in de geschiedschrijving neergezet als een politiek getinte moord welke als directe aanleiding gezien moet worden van de tegen Duitse burgers van Joodse komaf georkestreerde volkswoede. In deze Kristallnacht van 9 op 10 november 1938, zoals deze later is benoemd, werden 178 synagoges en ca. 7.500 Joodse bedrijven c.q woonhuizen aangevallen, beschadigd en vernield. Een gruwelnacht waarbij eveneens 93 mensenlevens te betreuren waren.

Geschiedschrijving is geen absolute wetenschap, daarnaast is absolute waarheid in deze een absoluut onbestaanbare werkelijkheid. Niet in de laatste plaats om het feit dat het de overwinnaars zijn die de geschiedenis (her)schrijven en de beelden (ver)vormen. Het gezegde “Truth is in the eye of the beholder” geeft aan dat wat we denken te zien en geloven het resultaat is van onze perceptie en interpretatie.

Dat achter deze moordaanslag een overduidelijk politiek motief schuil zou gaan werd vanaf het allereerste moment sterk betwijfeld. De Franse dichter André Gide, net als journaliste Ruth Andreas Friedrich en vele andere tijdgenoten, hielden het eerder op een ongelukkig verlopen homoseksuele liefdesrelatie met afpersing, jaloezie en uiteindelijk een crime passionnel als eindresultaat. De terughoudendheid en behoedzaamheid van de anders zo sensatiebeluste Boulevardbladen werd toentertijd als uitermate opvallend beschouwd, het homoseksuele thema werd niet opgepakt.

Volgens Gide, die zelf homoseksueel was, was Vom Rath in Parijse homokringen welbekend evenals zijn voorkeur voor jonge jongens. In de paar maanden voorafgaand aan zijn dood was Vom Rath herhaaldelijk gesignaleerd met de 17-jarige tiener Herschel Feibel Grynszpan. In de Parijse homobar Le Boeuf sur le toit evenals in andere homogelegenheden verkeerden ze in elkaars gezelschap, liefkoosden, kusten en dansten ze met elkaar. Terwijl Grynszpan zelf aan zowel de Franse- als later ook door de Duitse politie verklaarde dat hij met Vom Rath een homoseksuele relatie had onderhouden werd uit politiek-religieuze hoek geen poging onbenut gelaten Grynszpan met een goud geglansde martelarenstatus te overtrekken.

Homoseksualiteit was, zeker in die tijd, een omstreden zaak en zowel binnen de NSDAP als de Joodse gemeenschap was dit een brandbaar onderwerp. Een eerzame diplomaat die gebruik maakt van een minderjarige schandknaap en daarmee ook nog eens Rassenschande pleegt om vervolgens voor de verleende diensten niet te betalen was niet bepaald een voorbeeld van positieve Herrenrasse propaganda. Een door vervolging en onderdrukking tot wanhoop gedreven, wraakzuchtige Jood die een Duitse Nazi vermoordde danwel een voorbeeld van Joodse onbetrouwbaarheid en moordzucht waren andere weergaven van de werkelijkheid. De NSDAP alsook de Zionistisch georiënteerde Joodse gemeenschap grepen ten eigen faveure de daad aan om deze propagandistisch zo voordelig mogelijk aan de kaak te stellen en te benadrukken.

De om het leven gebrachte Ernst Eduard vom Rath zag op 3 juni 1909 in het Duitse Frankfurt am Main het levenslicht. Ernst ging in zijn geboorteplaats naar de lagere school om daarna in Breslau verder te studeren aan het Realgymnasium Maria Magdalena waar hij in 1928 als 19-jarige afstudeerde. In datzelfde jaar startte hij met zijn rechtenstudie aan de universiteiten in Bonn, München en Königsberg. In Bonn sloot hij zich aan bij Palatia, een studentenvereniging die zich kritisch opstelde ten opzichte van het Nationaal Socialisme. Op 27 mei 1932 trad hij als 22-jarige in overheidsdienst als gerechtelijk ambtenaar. Eerst als griffier bij de civiele sectie van de arrondissementsrechtbank in Berlijn, later ook bij het Openbaar Ministerie in strafzaken. Op 14 juli 1932 sloot hij zich aan bij de NSDAP om zich in april 1933 bij de SA aan te sluiten.

Aangespoord door zijn oom Roland Koster, toenmalig Duits ambassadeur in Parijs, zette hij in 1933 koers naar een politieke loopbaan. Op 22 november 1933 verzond Vom Rath zijn sollicitatiebrief met als resultaat dat hij op 3 februari 1934 als diplomaat werd aangenomen bij het ministerie van Buitenlandse Zaken in Berlijn. Eind januari 1935 werd hij voor een korte periode van negen weken naar het buitenland gezonden waarna hij weer in Berlijn terugkeerde. Op 13 april 1935 werd hij tot attaché benoemd en op 15 april 1935 aangesteld als persoonlijke secretaris van zijn oom, de Duitse ambassadeur in Parijs.

Na de dood van van zijn oom op 31 december 1935 werd hij op 1 april 1936 terugberoepen naar Berlijn waarna hij voorbereid werd voor een nieuwe positie op het Duitse consulaat in Calcutta. In oktober 1936 werd hij benoemd tot attaché waar hij op 9 december 1936 zijn dienst aanving. Halverwege 1937 werd hij aan bed gekluisterd door een raadselachtige ziekte. Zogezegd zou hij leiden aan een maagaandoening welke veroorzaakt zou zijn door tropische leef- en werkomstandigheden en het exotische voedsel. In werkelijkheid had Vom Rath een seksueel overdraagbare aandoening aan anus en darm opgelopen door homoseksuele penetratie. Hij werd hiervoor opgenomen en behandeld in de kliniek van Dr. Ramnath Chopra welke hem met medicatie behandelde. Zijn lichamelijke gesteldheid hield hem aan bed gekluisterd en kerst 1937 bracht Vom Rath liggend en slijmpap-etend door. De behandeling van Dr. Chopra had onvoldoende resultaat en Vom Rath werd in de eerste week van januari 1938 doorverwezen en opgenomen in het Carmichael Hospital for Tropical Diseases.

De aard van zijn aandoening was echter van dien aard dat hij het advies kreeg voor verdere behandeling naar Duitsland terug te keren. Op 7 januari 1938 vertrok hij per trein naar Bombay, waar hij zich onderweg naar Venetië inscheepte op het Italiaanse stoomschip Conte Verde. In Venetië aangeland reisde hij per trein rechtstreeks door naar Berlijn waar hij vooreerst zijn bivak opsloeg bij zijn ouders aan de Prager Platz 5 in de wijk Wilmersdorf. Voor verdere behandeling wendde hij zich tot het Institut für Radiologie in Berlijn waar hij door Dr. Sarella Pommeranz door middel van een kortegolf bestralingstherapie behandeld werd voor de door hem in Calcutta opgelopen rectale gonorroe.

Voor verder herstel vertrok Vom Rath in februari 1938 voor een periode van vier maanden naar het Sanatorium St. Blasien in het Zwarte Woud. Op 1 juli 1938 was hij zover hersteld dat hij zijn werk kon hervatten en werd de Duitse Ambassade in Parijs opnieuw zijn standplaats. Op 13 juli 1938 trad hij actief in functie en werd hij tegelijk voorgedragen voor de functie van Legationssekretar, een positie die hem op 18 oktober 1938 toegekend werd. In de periode van drieëneen halve maand tot aan het moment van zijn dood hield Vom Rath zich op in Parijse homokringen, stond hij bekend om zijn voorkeur voor jonge jongens en knoopte in die periode een homoseksuele verbinding aan met een voor hem ongelukkig eindresultaat.

De Grynszpan affaire

GrynszpanOp 7 november 1938 vermoordde de 17-jarige tiener Herschel Feibel Grynszpan in Parijs de Duitse diplomaat Ernst Eduard vom Rath. De aanslag en het overlijden van Vom Rath wordt als startpunt aangeduid van de door de NSDAP gesanctioneerde geweldsnacht tegen de Duitse burgers van Joodse komaf. De Pools-Joodse achtergrond van de in het Duitse Hannover geboren Grynszpan speelde in deze aanslag zeker een rol van betekenis.

In deze Kristallnacht van 9 op 10 oktober 1938, zoals deze later is benoemd, werden 178 synagoges en ca. 7.500 Joodse bedrijven c.q woonhuizen aangevallen, beschadigd en vernield. Een gruwelnacht waarbij eveneens 93 mensenlevens te betreuren waren. In de geschiedschrijving werd de moord op Vom Rath zowel door de NSDAP alsook door de Zionistisch georiënteerde Joodse gemeenschap aangegrepen om zowel de vermeende Joodse rol in het ontbranden van WOI alsook de Jodenvervolging in Duitsland propagandistisch aan de kaak te stellen en te benadrukken.

Geschiedschrijving is geen absolute wetenschap, daarnaast is absolute waarheid in deze een absoluut onbestaanbare werkelijkheid. Niet in de laatste plaats om het feit dat het de overwinnaars zijn die de geschiedenis (her)schrijven en de beelden (ver)vormen. Het gezegde “Truth is in the eye of the beholder” geeft aan dat wat we denken te zien en geloven het resultaat is van onze perceptie en interpretatie.

Al op 8 november 1938, de dag na de aanslag, was het allerminst duidelijk dat politieke motieven de aanleiding waren voor de aanslag. “De avondbladen berichten over een joodse emigrant die op een diplomaat van de Duitse ambassade in Parijs geschoten heeft, sommigen zijn van mening dat hier politieke motieven spelen, anderen spreken van een homoseksuele liefdesrelatie, afpersing en jaloezie.” Dat was wat de op dat moment 37-jarige journaliste en verzetsstrijdster Ruth Andreas Friedrich op die datum in haar dagboek schreef. Friedrich was een van de drijvende krachten achter de verzetsbeweging Onkel Emil waarvoor ze na de oorlog werd onderscheiden met de Yad-Vashem medaille.

Ook André Paul Guillaume Gide, Frans dichter en latere Nobelprijswinnaar voor literatuur, verwonderde zich erover waarom de anders zo op sensatie beluste Boulevardbladen het homoseksuele thema niet oppakten en zich zo op de achtergrond hielden. Volgens Gide, die zelf homoseksueel was, was Vom Rath welbekend in Parijse homokringen en stond hij bekend om zijn voorkeur voor jonge jongens. Vom Rath stond bekend onder bijnamen als Madame Ambassador en Notre Dame de Paris. Uit onderzoek na de moord bleek dat Vom Rath in het najaar van 1938 herhaaldelijk was gezien in bijzijn van een goed uitziende jongeman in de Parijse homobar Le Boeuf sur le toit evenals in andere homogelegenheden waar beiden elkaar liefkoosden, kusten en met elkaar dansten. De goed uitziende jongeman bleek niemand anders dan de 17-jarige tiener Herschel Feibel Grynszpan te zijn.

Grynszpan zelf zou tijdens zijn verhoren door zowel de Franse- als later ook door de Duitse politie verklaren dat hij Vom Rath persoonlijk kende en dat hij met hem een korte homoseksuele relatie had onderhouden. De schietpartij was volgens Grynszpan een uitvloeisel van een ruzie om geld. Grynszpan zou door Vom Rath voor zijn verleende seksuele diensten als schandknaap onvoldoende zijn betaald. Gustav vom Rath had zich na de moordaanslag op zijn zoon Ernst Eduard in dezelfde zin uitgelaten tegenover de Duitse Sociaaldemocraat Otto Kortum. Volgens hem had zijn zoon een homoseksuele relatie onderhouden met de tiener Grynszpan waaruit een conflict over geld was ontstaan met de moordaanslag als resultaat. Vader vom Rath hekelde de staatsbegrafenis die zijn zoon door de Nazi’s gekregen had, gruwelde van het politieke gehuichel en misbruik van de familienaam en keurde de opvolgende anti-joodse maatregelen en wetgeving hartgrondig af.

De geplande rechtszaak doofde echter als een nachtkaars en Gryszpan zelf blies naar alle waarschijnlijkheid in 1942 zijn laatste adem uit in het concentratiekamp Sachsenhausen.

Hollywood History

HollywoodDe Britse historicus Keith Lowe stelt dat West-Europeanen geobsedeerd zijn door de Tweede Wereldoorlog. De oorlog van 1939-1945 staat voor miljoenen mensen gelijk aan ‘DE’ oorlog. Sinds de officiële beëindiging ervan zien tot op de dag van vandaag onophoudelijk en in overweldigende aantallen stapels boeken het levenslicht.

Hollywood laat niet na de door haar aangehangen historische waarheid zo realistisch alsook uitermate (ver)beeldend mogelijk te verpakken en deze op het scherm te presenteren. Ook op de televisie worden vandaag de dag in toenemende mate oorlogsdocu’s en films getoond. De programmering van zowel Nederlandse als buitenlandse (lees Amerikaanse & Engelse) zenders lijken hierop steeds meer afgestemd te worden.

De eerste week van elk kalenderjaar start onveranderd met een keur aan films waarin heel duidelijk de rolverdeling voor the Good, the Bad & the Ugly is neergezet en bereikt de aandachtsgolf zo rond half mei van elk jaar haar hoogtepunt. Wat getoond wordt heeft met realiteit & waarheid steeds minder te maken en is het onderhand steeds meer noodzaak dan uitzondering om melding te blijven maken van het feit dat het de overwinnaars zijn die de geschiedenis (her)schrijven en de beelden (ver)vormen.

Zoals Lowe stelt schijnen “veel mensen geen tijd meer te hebben voor gecompliceerde verhalen en hebben ze geen tijd voor moeilijke en oncomfortabele emoties. Eigenlijk is de conclusie, dat veel mensen eigenlijk helemaal geen tijd hebben voor geschiedenis, wat ze echt willen is een mythe.”

De getoonde beelden worden in de regel vol emotie en beeldvormend door de toeschouwer zonder voorbehoud geconsumeerd waardoor Hollywood mythologie zich kan nestelen in het menselijk brein en bewustzijn. Kundig gemanipuleerde geschiedenis die met een giftig glad geroerde saus van politiek correcte waarheid opgediend wordt en tegelijk per beeld en woord de maatschappij en samenleving onherstelbare schade toevoegt. Timothy Snyder, een aan de Yale universiteit verbonden historicus, legde in een interview begin 2018 uit waarom de waarheid zo belangrijk is. „Zonder waarheid is er geen vertrouwen, zonder vertrouwen is er geen rechtsstaat, zonder rechtsstaat is er geen democratie. Mensen die feiten negeren, brengen de democratie om zeep.”

Mensen die bewust waarheden verdraaien staan – historisch onbetwistbaar – aan de wieg van een onzalige toekomende tijd waarin de monden gesnoerd, de boeken verbrand en het leven gedoofd wordt!

The Inestimable Munitionettes

We can do it ww1 fotoDe op 28 juni 1914 gepleegde moordaanslag op kroonprins Frans Ferdinand in Sarajevo wordt als het fatale startschot van de Eerste Wereldoorlog beschouwd. Middels het traditioneel en eeuwenoud recept van leugen, misleiding en bedrog raakten ontelbare mannen met elkaar in gevecht en dat op een historisch ongekend vernietigende schaal. Nog nooit in de wereldgeschiedenis had de mensheid zo’n wereldomvattende, gemechaniseerde en geïndustrialiseerde mensenslachting ervaren. Een in alle opzichten vernietigende en welbewust gehanteerde gesel veranderde de wereld, maatschappelijk en sociaal, op onvoorstelbare schaal. Vooral en met name de veranderde positie van de vrouw in de samenleving heeft hiertoe op verschillende manieren aan bijgedragen.

Het Britse Rijk werd al vanaf oorlogsbegin geplaagd door een serieus munitiegebrek wat in 1915 leidde tot het zogenaamde munitieschandaal. Het industriële apparaat was onvolledig toegerust om aan de enorme vraag te voldoen, niet in de laatste plaats doordat ook de technisch vaardige mannen aan het front geplaatst, en daar vermalen werden. Met de Munitions of War Act van 2 juli 1915 bracht de Britse Staat de productie van munitie volledig onder haar beheer en toezicht, ketende ze de arbeiders in de wapen-, textiel-, en havenindustrie, verplichtten hen tot productie en zette het de vakbonden wettelijk buitenspel. De aanvoerders en woordvoerders van het zich tegen deze Munitions of War Act verzettende organisaties zoals de Clyde Workers’ Committee werden veroordeeld en gevangen gezet. Resistance was futile!

De Munitions of War Act bepaalde dat vooral en met name vrouwen binnen het vernietigingsradarwerk aangetrokken dienden te worden om de oorlogstekorten in ‘mankracht’ alsook materiaal as soon as possible aan te vullen. Vakkundig misplaatst verpakt als emancipatie werden tienduizenden vrouwen de vernietigingsindustrie binnengetrokken. Het effect hiervan was moorddadig doorslaggevend en oorlogrekkend! In juni 1917 waren de Munitionettes, zoals de ge-emancipeerde wapen & munitievrouwen werden aangeduid, verantwoordelijk voor in totaal 80% van de productie van alle wapentuig en bijbehorende munitie die hun mannen, zoons en vaders in staat stelden om te verminken, te doden en vernietigen. Zelf bracht het leger Munitionettes ook grote offers, raakten onvruchtbaar, verlamd, gehandicapt, verminkt en stierven door het werken met TNT, salpeterzuur en talloze andere levensgevaarlijke chemicaliën die hun immuunsysteem finaal verwoestte. Vele honderden Munitionettes verloren het leven bij explosies in munitiefabrieken zoals in 1918 bij de National Shell Filling Factory in Chilwell.

Het waren in eerste instantie en met name de witte mannen die geallieerd en vooraan in gevecht geschoven werden, een privilege dat in eerste instantie niet weggelegd was voor anderskleurige en anders-rassige wereldbewoners. Honderdduizenden koloniale soldaten werden in de loop van deze wereldstrijd uit alle koloniale Britse en Frans-koloniale hoeken gerekruteerd om voornamelijk logistieke ondersteuning te verlenen, voeding, verzorging en munitie aan te slepen en ravage weg te sjouwen. Vooraan en in de frontlinie doden & gedood worden was in eerste instantie een witte mannen privilege maar werd dat dodelijke voorrecht gedurende het verloop van tijd en strijd ook aan uit de koloniën afkomstige hulptroepen toegekend.

Het waren de vrouwen die ge-feminiseerd en aan het thuisfront de dood baarden, wapens en vernietigingssystemen van elk kaliber, formaat en uitvoering het levenslicht gaven waarmee hun mannen, broers en vaders andere vaders, broers en mannen finaal het levenslicht ontnamen. Amper 20 jaar na deze wereld- en maatschappij verscheurende oorlog mochten de Munitionettes opnieuw aantreden. Onder vals gevlagde vrouwenrechten gaven honderdduizenden Munitie Truzen acte de présence. Klinknageltruzen als Rosie the Riveter en feminale wapensmeden als Ronny the Brengun Girl zagen het daglicht en verrichten voor volk & vaderland maar vooral en met name het internationaal opererende militair-, industriële-, economische complex hun onschatbare dodelijke diensten.