Home » Columns

Category Archives: Columns

Deutsche Schutzgebiete

In het jaar 1918 kwam door een wapenstilstand een einde aan het wapengeweld van de periode die we vandaag de dag in de geschiedenisboeken terugvinden als de Eerste Wereldoorlog. Aan de economische en politieke oorlogvoering kwam echter geen einde, ook niet in 1919 door middel van de ondertekening van een verdrag.

Het zou de opmaat worden naar de Tweede wereldmensenslachting, oorlog is van alle tijden en is altijd het resultaat van misleiding en bedrog! Het Verdrag van Versailles was en is allerminst als een vredesakkoord  te bestempelen, het is eerder een door de overwinnaars opgesteld smerig dictaat waarin de verliezers de absolute schuld werd toegewezen. Duitsland werd een soort van erfschuld opgelegd en belast met herstelbetalingen aan de banken die deze gruwelijkheid gefinancierd en mede mogelijk gemaakt hebben.

Het Duitse Keizerrijk werd door haar economische opponenten onder andere verweten de wereld te willen overheersen, een van elke realiteitszin ontbrekende beschuldiging. Het is vooral en met name aan de kooplieden achter het Britse Rijk te verwijten dat zij in hun streven de wereld in alle opzichten te overheersen daarbij miljoenen mensen hebben vernietigd, beschavingen hebben uitgeroeid en dood en ellende hebben gebracht. De wereld als wingewest is een Koopmansgedachte, de dood is Engelssprekend!

Het Duitse Keizerrijk was na afloop van de door Frankrijk gestichte oorlog in 1871 amper droog achter de oren en had in de 1.000 voorafgaande jaren enkel (van buitenaf georkestreerde en gewenste) verdeeldheid gekend.

Honderden jaren nadat de wereldkooplieden die zich in Spanje, Frankrijk, Engeland en Nederland hadden gevestigd zich de van rijkdommen uitpuilende gebieden in de wereld hadden toegeëigend werd aan de wens van het Duitse Rijk voor ‘ein platz an der Sonne’ met tegenzin tegemoet gekomen. Pas in 1884, 17 jaar(!) na de stichting van het Tweede Duitse Keizerrijk, werden met Zuid-West Afrika, Kamerun, Nieuw Guinea en Togoland als Deutsche Schutzgebiete aangeworven.

Het opvolgende jaar werden de Deutsche Schutzgebiete met Oost-Afrika en Wituland uitgebreid, in 1897 werd de Chinese havenplaats Kiautschou gepacht, in 1900 Samoa en als laatste werd in 1911 Nieuw Kamerun hieraan toegevoegd. Pas tegen de tijd dat de eerste Wereldoorlog uitbrak begonnen de gebieden enigszins rendabel te worden. Na afloop van de oorlog werd Duitsland de Schutzgebiete definitief kwijt en werden ze als oorlogsbuit verdeeld onder de overwinnaars en heeft het de burgers van deze gebieden GEEN vrede, voorspoed en veiligheid gebracht!

Vandaag de dag wordt de wereld nog steeds als een plunderkolonie beschouwd door de heersers achter de macht en de wereldburgers tegen elkaar opgezet, politiek, religieus en militair. Het is nu het massaal en wereldwijd verplaatsen van mensenmassa’s die met vodjes papier in de hand als middel en wapen worden gebruikt en ingezet. Met het verdrag van Versailles werden de Deutsche Schutzgebiete door de overwinnaars tot plunderkoloniën aan hun rijken toegevoegd, het verdrag van Marrakesh is eenzelfde smerig dictaat dat geen vrede, voorspoed en veiligheid zal brengen.

 

 

Ton on Tour

Door het glas van de buitenschuifdeur zie ik hem aan zijn royale houten keukentafel zitten, koffiekopje is de hand en blik op zijn tablet, hij leest zijn digitale ochtendkrant. Nog voor ik mijn aanwezigheid kenbaar kan maken door op het raam te kloppen merkt hij me op en hij gebaart me binnen te komen door de deur open te schuiven.

“Hee, hallo! Wat leuk dat je even langs komt, wil je een kop koffie?” zegt hij “Pak een stoel en kom erbij zitten”. Ik sla het aanbod niet af en schuif een stoel richting de houtkachel in de hoek. Voor hij opstaat om de daad bij het woord te voegen duwt hij nog even twee pronte brokken hout in het vuur. “Met melk geloof ik he? Suiker had je toch al genoeg?” Hij heeft mijn vaak gebruikte woordgrap goed onthouden, suiker heb ik als diabeet al jaren meer dan genoeg.

Even later zitten we beiden in een comfortabele stoel naast de houtkachel en vragen we naar elkaars wederwaardigheden. Niet veel later gaat het gesprek over het vakantieproject waar hij mee bezig is om op te zetten. Ton, zo als zijn naam luidt, is alleenstaand en heeft er wel zin in om met een paar gelijkgestemde leeftijdgenoten een tijdje erop uit te trekken. Niet met een tentje op de rug maar met een stel mensen in een touringcar er tussenuit en de reis zelf is de bestemming.

Op een advertentie in een regionaal dagblad waren al een paar veelbelovende reacties gekomen van zowel mannen als vrouwen die er wel oren naar hebben om een maandje op avontuur te gaan. Ton zelf heeft een groot rijbewijs en was vroeger onder andere rijschoolhouder, een goedlachse kerel waarmee ik in contact kwam middels een gemeenschappelijke kennis. Een geschikte vent en – heel bijzonder – we kwamen er op enig moment achter dat we middels de capriolen van onze toenmalige partners nu zo’n 12, 13-jaar geleden een soort van gedeelde ervaring hebben.

Zonder al te veel op de details in te gaan speelde een overspelige schooldirecteur daar een bepalende rol in. Het verraste ons beiden toen jaren later onze eigen partnerervaringen naadloos in elkaar schoven en het verduidelijkte ons op slag het een en ander. Maar, dat was toen en life goes on, andere en leuke dingen hebben onze aandacht gevraagd. Leuke en spannende zaken, dingen die het leven smakelijk maken en gekruid hebben zijn daarna gevolgd, genieten met een grote G en leuke dingen doen.

Ton en ik drinken zo af en toe eens een bakje bij elkaar en zoals nu, bespreken we wat trivialiteiten en leuke plannen, zoals het vakantieplan dat hij aan het opzetten is, Ton on Tour.

Heavy Metal & Eier Punk

Behendig slinger ik m’n bejaarde Twingo de lange oprijlaan in die naar de scharrelei-boerderij van Marianne voert. Het is maar een paar kilometer van m’n huis, twee keer over het water en daarna een keer over de A7 en dan de tweede afslag rechts. Er staat geen bord bij de weg en elk die daar komt is daar op voorspraak en gaat het van mond tot mond. Een kudde boerderijkatjes kijkt nieuwsgierig toe hoe ik m’n vehikel voor een van de schuren draai en achter het huis parkeer. Een paar treden omhoog brengen me bij de garage achter het huis, dan de deur door de schuur in.

Een paar honderd eitjes staan geduldig te wachten om afgehaald te worden, het is zelfbediening. Het laatje links in het bureau is tegelijk ook de kassa waarin een sigarenkistje het geld beheert. Wat je verschuldigd bent stort je erin en je haalt het eventuele wisselgeld er zelf uit. Heerlijk die eerlijkheid, natuurlijk die scharreleitjes zijn ook lekker maar het geschonken vertrouwen maakt dat ze nog lekkerder smaken. Bruine eitjes – zolang de voorraad strekt voor 12 cent per stuk – witte voor een duppie en gigaeitjes voor 15 cent per stuk. Er gaan hier nogal wat scharreleitjes door, bruine staan er zat, witte iets minder.. maar, geen nood, daar stapt Marianne, de kippeboerin binnen, ze had al zo’n vermoeden.

“Ik haal wel even een partijtje nieuwe op” zegt ze en loopt de deur uit naar de schuren en komt even later met een formidabele stapel eitjes weer naar binnen. Leuk mens ook die Marianne, zeker geen saaie boerentrien maar eentje met karakter. Ze houdt van Punk & Metal en daar geeft ze al sinds jaar en dag met haar kapsel op een heel eigen en unieke wijze vorm aan. Een stevige donkerharige hanekam midden op de scheiding met links en rechts een glad geschoren schedeldak. Op de terugweg naar eigen huis, haard en keuken glimlach ik even, nee, ze is er niet een van dertien-in-een-dozijn, geen suffe boerentrien maar een heavy metal tante met scharreleitjes, goed voor een lekkere Heavy Metal & Eier-Punk!

Dag dokter Hans..

Als ik de flauwe bocht om fiets zie ik hen aan de linkerkant van de laan verschijnen. Ze gaan dezelfde richting uit als ik, richting Roos in de Regio. Stevig pedalerend passeer ik hen beiden, zij in een licht gekleurde herfstmantel achter de rolstoel en hij voor haar zittend, warm ingepakt en in een winterjas. In het voorbijgaan neem ik hen vraagteken-fronstend even op, ze komen me ergens bekend voor, vooral bij hem gaat er zacht een belletje rinkelen.

Nauwelijks een paar meter verder heb ik mijn stalen ros tot stilstand gedwongen, draai het stuur en koers op hen toe. “Dokter Hans? Zie ik dat goed?” is mijn vragende openingszin en de vrouw achter de rolstoel reageert bevestigend. “Ja” zegt ze, “klopt” en er ontspint zich een klein gesprek daar aan de zijlijn van de lange bomenlaan. Hans glimlacht enkel en zegt niets, hij laat het woord over aan zijn vrouw. “Hoe is het ermee? Wat scheelt eraan?” vraag ik en opnieuw is het Hans zijn vrouw die antwoord geeft, zelf doet hij er het zwijgen toe.

Haar antwoord maakt al snel duidelijk waarom hij zich in stilzwijgen hult, zijn ziekte heeft hem als het ware van het heden en de huidige tijd afgesneden, hij lijkt het allemaal niet meer mee te krijgen. Hij blijft vriendelijk lachend en wat afwezig rondkijkend rustig in de rolstoel zitten terwijl ik over-het-hoofd-heen over en niet met hem spreek. Ik benoem het en verontschuldig me tegenover hem maar zijn vrouw reageert geruststellend en begripvol.

Hans is het contact met de wereld nagenoeg verloren, maar toch, heel even lijkt het wel eens of er toch nog iets binnen lijkt te komen zegt ze. Zo ook nu, ze richt zich tot haar man, noemt mijn naam en Hans trekt daarop zijn oogleden op en beweegt zijn pupillen omhoog. Op zijn vriendelijke gezicht plooien meer spieren extra lachrimpels om zijn mond die op hun beurt ook bij zijn vrouw een glimlach op het gezicht toveren. “Ja, zo af en toe merk je dat” zegt ze nu met een lach. We praten nog even door over de tijd die verslijt en de mankementen die we als mens in de loop daarvan onvermijdelijk oplopen.

Hans zijn beroep heeft hem er niet van kunnen vrijwaren. Als betrokken huisarts heeft hij vaak genoeg en meer dan eens, stad- en buurtgenoten als patiënt in zijn praktijk gehad en niet alleen behandeld voor een griepje. De goedlachse, aimabele huisarts die hij was ontkwam zelf niet aan de ziekte. Ik zie hem als was het gisteren lachend rondlopen in de stad, in het voorbijgaan vriendelijk groetend met de arm omhoog, een leuk, super sociaal en actief mens.

“Kom, ik loop nog even verder” zegt zijn vrouw, “gaan we straks even samen gezellig thuis lekker een kopje drinken” en nadat we afscheid van elkaar hebben genomen schakelt ze het elektrische ondersteuningsmechanisme in werking en duwt haar echtgenoot het asfalt weer op, de paden op, de lanen in… dag dokter Hans.

Hesthomookweer..

Ik sta op uit de stoel in de wachtkamer als ze m’n naam afroept.. ze geeft me een hand en loopt voor me aan naar haar spreekkamer aan het eind van de gang. “Hoe gaat het” vraagt ze. Tsja, wat zal ik zeggen. De nacht was wat minder als de vorige paar nachten en in de ochtend was al te voelen dat m’n ontsteking wat haperde. “Mwah, het is iets minder vandaag” antwoord ik, maar beter als de laatste keer dat ik twee kamers verder in dezelfde dokterspost zat dacht ik bij mezelf.

Die maandag, een paar weken daarvoor, voelde ik me echt aller belabberdst en dat bleek ook wel te kloppen volgens de ECG die toen afgenomen werd. Het zorgde er voor dat ze op de hartbewakingsafdeling in het nieuw geopende ziekenhuis met een stroomstoot mn hartrime weer in balans brachten. Gelukkig was deze keer het stotterende gevoel een stuk minder vervelend en beter beheersbaar. De operatie die ik vijf maanden hiervoor plotsklaps onderging zorgde ervoor dat m’n hartje door bleef kloppen maar het zorgde er ook voor dat het evenzo plotsklaps met regelmaat onregelmatig begon te stuiteren. Het bleek bij navraag vaker voor te komen, zo verzekerde de cardioloog me. De kans dat ik er op termijn vanaf raakte achtte hij gezien mijn conditie, leef- en eetpatroon eerder waarschijnlijk dan dat ik er blijvend last van zou houden, maar.. garantie tot aan de voordeur. Vervelend gevoel, dat zeker, helemaal omdat wat betreft aanleiding of oorzaak weinig zinnigs te zeggen is, het kan door alles getriggerd worden.

De cardioloog van dienst die afgelopen maandag noemde een hoog alcohol consumptie als mogelijke oorzaak bij de ene persoon, een overmatig gebruik van koffie bij de ander, maar sloot hij zijn verklaring af door te zeggen dat er geen peil op was te trekken. Alcohol gebruik ik nauwelijks en de koffiesloot, die heb ik so-wie-so al behoorlijk gedempt. Wat in alle gevallen wel overeenkomstig was na een hartoperatie was de operatie op zichzelf, best een hele ingreep en uit eigen ervaring weet ik wat voor spanning en stress het oplevert, niet alleen bij mezelf maar ook bij m’n kinderen en directe familie. Ik ben niet van beton maar zeker ook geen Jan-Jeuzel, ik ben meer van het type dat aanpakt en doorzet, schouders eronder en gaan met die banaan. Dat is een beetje de aard van het beestje, maar ja, als je hart begint te stotteren en je ontsteking als het ware hapert, dan is dat toch wel iets dat heel bepalend is, het vreet alle energie uit je. Greetje, de eigenaresse van de chocoladewinkel, waarmee ik een paar weken geleden een kort gesprek voerde, reageerde met de opmerking dat zij van mening was dat ik volgens haar last van hartzeer leek te hebben.

Een gesprek met een psychotherapeut was een voorstel dat van broerlief afkomstig was, dus ja, waarom ook niet? Dezelfde broer had me in de afgelopen maanden ook met meerdere goede adviezen bijgestaan. Dat ik nu bij Petra de Peute, voor de tweede keer in een maand, in de spreekkamer zat was het resultaat. Aan het einde van het eerste gesprek had ze me voorgesteld om er over te gaan schrijven, maar nee.. ‘k wil niet eigenwijs zijn, maar DAT heb heb ik al meer dan genoeg gedaan. Ik ben de historicus en archivaris van de familie en heb echt hele stapels manuscripten bijgehouden over alles en nog wat.

Over de heftige en toch wel emotioneel ingrijpende zaken die in onze familie hebben plaatsgevonden, zaken als ziekte en kanker. Kanker, de ziekte die m’n moeder al op 57-jarige leeftijd op een uiterst pijnvolle wijze van haar leven beroofde en van de planeet af plukte. Kanker, de ziekte die ook m’n lievelingszus op 57-jarige leeftijd vernietigde. Kanker, de ziekte die m’n lievelingsbroer op 50-jarige leeftijd deed wegteren. M’n oudste broer en mijn in leeftijd vijf jaar overstijgende oudere zus zijn eveneens door ziekte al gaan hemelen, hun maximale houdbaarheidsdatum was verstreken. Hun leeftijd lijk ik met een beetje mazzel te kunnen verbeteren. Met zijn afscheid als 70-plusser is mijn vader tot nu toe ‘the champion’ van de familie. Mijn eerste zusje Sophia is met haar zes weken als hongerwinterkindje als jongste van ons allen gaan engelen. Maar … van de negen kiddo’s in totaal zijn we nu nog met zijn viertjes, wie weet dat een van ons met de beker aan de haal gaat? Met een kleine dichterlijke vrijheid lijkt ons familieverhaal bijna op een roman van Agatha Christie, ‘Negen kleine negertjes’.. eentje ging de pijp uit in de nacht, toen waren er nog acht en moedig aftellend naar benee komen we zonder angst en fier, uit op het totaal van vier….

Tsja, het valt niet te ontkennen, het speelt in m’n leven zeker een rol mee, maar of dat het meest bepalend is dat durf ik niet te zeggen. Wat emotioneel misschien van meer invloed geweest is, is de partnerkeuze. Kijk, niets in het leven is perfect en je moet er zelf & samen wat van maken. Maar ja, na dik twintig jaar met mijn eerste partner scheen dat toch geen goede match te zijn. Achteraf bezien is het vooral en met name de vijftien jaar lange relatie met mijn tweede partner die me het meest beschadigd heeft, emotioneel, geestelijk en materieel. Nu, na zes jaar terugblikkend, is de conclusie meer dan helder en duidelijk, afgedankt als mens, leeg- en kaalgeplukt en als een straathond aan de kant getrapt.

Niet dat ik zo’n superjezus of een heilig boontje ben, zeker niet, maar ik was dienstbaar & nodig en dat ik toentertijd ook over een goedgevulde knip beschikte was zeker niet onwelkom. Hartzeer was de diagnose van Chocolade Geertje, en ja, dat had ik ook toen mijn lievelingsbroer na zes weken weggeteerd was. Het was ook toen, dat mijn tweede partner zich geen houding wist te geven. Het was toen dat ze mij in mijn rouwverwerkingsproces bovenop de huid zat, me met de meest onzinnige verwijten om de oren sloeg. Ik zou volgens haar met de verse weduwe van m’n broer aan de haal willen gaan of met de vrouw van mijn jongste broer snode plannen uitbroeden. Met argwaan en achterdocht werd ik door haar achtervolgd.

Zes weken nadat ik voor een afgeladen aula de grafrede van mijn broer had uitgesproken kreeg ik een hartaanval en ook toen moest ik in het ziekenhuis van haar een proeve van bekwaamheid afleggen. Met een vriendin kwam ze de hartafdeling opdraven om te testen of mijn ogen haar minder begerig aangaapten dan haar vriendin. Volgens haar was ik niet voor de test geslaagd, bingo, foute boel dus. Toen ik na veertien dagen weer los en vrijgelaten werd en door alle gedoe van de voorgaande maand lichamelijk en geestelijk iets in onbalans naar huis mocht vertrekken, wachtte me een warm ontvangst. Ze had het met haar vriendin op een akkoordje gegooid, ze ging een tijdje bij haar kamperen en logeren om bij te komen, dat was beter voor haar. Pratend als Brugman heb ik haar over kunnen halen om bij mij te blijven, want ja, het voelde toch wel een beetje onzeker en kut .. thuiskomen in een leeg huis na een hartaanval en daarbij nog in rouw om het verlies van je lievelingsbroer.

Ze bleef nog jaren kleven, toevallig ook net zo lang totdat de koek op was en ik mezelf berooid terugvond als bewoner in een antikraakpand. Helemaal zonder middelen is ook weer niet waar, zij betaalde namelijk graag de 250 piek huur aan de antikraakclub en mocht ik op haar kosten een paar gordijnen, een keukensetje ter waarde van 150 ballen aanschaffen, dus ik kon koken, koelen en wassen. Een flinke doos vol boodschappen uit de overvolle voorraadkelder die ik zelf aangelegd had kreeg ik toegeschoven als voedselpakket, dus ik kon eventjes vooruit. Maar honger, ja.. dat heb ik echt gehad in de zes maanden dat ik samen met andere lotgenoten in die oude school woonde. Na drie maanden stopte de subsidie van de ex-partner, ik moest me maar zien te redden en gelukkig duurde het geen drie maanden extra voordat de sociale papierwinkel afgerond was en ik met terugwerkende kracht de bijstandsuitkering kon opstrijken.

M’n schulden bij Jan-en-Alleman konden afbetaald, voorbij was de tijd van geroofde veldaardappelen, gesjeesde maiskolen, afvalbakkenpatat van de Mac of de roofbroodjes uit de paardentrog. Een bijzondere tijd, het heeft me warme contacten en echte vriendschappen opgeleverd met echte mensen, weer terug gebracht in de wereld waar menselijke warmte meer betekent en waardevoller is dan bezit. November, zes jaar geleden, kreeg ik bericht van de woningstichting dat ik kon kiezen, uiteindelijk uit drie woningen en in december, nu zes jaar geleden, kon ik de voordeur van mijn eigen huis dichttrekken. Van haar niets meer gehoord, nou ja, indirect, dat weer wel.. want over mij niets dan on-goeds, ik was heet op geld zo bleek het geval en is me als een echte kluiskraker een aardige gouddiefstal toegeschreven, dat wist een van de door haar in vertrouwen genomen vriendinnen me te vertellen voor de koeling bij de rosbief in de Lidl.

Een keer is ze nog persoonlijk poolshoogte komen nemen en reed ze langzaam met haar auto door m’n straatje, maar aankijken durfde ze me niet, ‘k stond namelijk buiten met de buren op de stoep voor m’n deur te kletsen. Met haar neus naar rechts en haar donkere manen naar links stuurde ze de rode Japanner zonder ongelukken recht vooruit.

Petra de Peute had mijn relaas hoofdzakelijk stilzwijgend aangehoord, krabbelde af en toe een aantekening en maakte zo nu een dan een opmerking. Ze had iets over het aangaan of afhouden van relaties en kon het zich wel voorstellen dat ik het een beetje gehad had met vrouwen, er wel klaar mee was en geen gedonder en gesodemieter meer wilde. Kijk, nu de knip leeg is vallen de Graaigrieten automatisch al buiten de boot, dat kost nix. Een leuk, lief, aardig en warm mens…, wie weet, maar dat zie ik niet meer gebeuren, er lijken alleen maar zeikwijven vol problemen op de wereld te zijn, was mijn reactie. Nee, geen zin meer in hartzeer. Nah, ‘k moest er volgens Petra de Peute maar eens over gaan schrijven. Ach nee, waarom zou ik, is toch alleen maar gezeur, misschien gaat m’n hartje er ook nog weer van op de hobbel, daar zit ik niet op te wachten. Alleen maar hartzeer en ik hoor het ze al zeggen… hesthomookweer.

Bij de les met Vredeslezing

Tudeluu, Tudeluu..” het is een paar minuten over halfnegen die maandagochtend als m’n smartfoon zich meldt. Ik lig nog een beetje na te soezen van een iets onrustige nacht als ik het gesprek aanneem, “met Bert”. Een vriendelijke vrouwenstem laat me weten dat Anneke aan de andere kant van de lijn hangt. Of ze het misschien verkeerd begrepen had dat ik op een andere dag bij haar voor groep 8 sta om een gastles te verzorgen.

M’n hart slaat – niet alleen van schrik – een paar slagen over en het laatste slaperige restje in m’n hoofd is op slag verdwenen. Slik… was dat vandaag? “Staat dat op vandaag gepland?” vraag ik verschrikt, “ik dacht volgende week, de 10e?” Nee hoor, volgens haar agenda stond het voor deze maandag gepland, sjips, dat is ook een ding. Hoe of we dat oplossen. Verschuiven naar een andere dag of stante pede onder de douche, in de kleren en de auto en voor de klas. Het is even snel schakelen. De school in kwestie is nauwelijks 6 km hier vandaan verwijderd en met een beetje mazzel denk ik binnen een minuut of 20 schoongewassen en geborsteld compleet met entourage voor de groep staan. Zo wordt het afgesproken.

Onderweg naar de douche wek ik m’n dochter die de afgelopen dagen als een soort van engelenbewaarder bij haar vader slaapt & waakt en vraag haar of zij m’n spullen in de auto kan plaatsen terwijl ik mezelf onder de waterstralen opfris. Het loopt gesmeerd en geolied en als ik even later in de keuken snel een hardgekookt ei snaai en mn medicijnen in m’n broekzak druk heeft zij alles al achter in mn twingo geprakt. Vier kisten vol met authentiek leskistmateriaal, propaganda uit WOI en WOII, inclusief een trosje helmen, een set geweren, bajonetten en andere zaken die van pas kunnen komen. Veel te veel, maar ja, dan grijp ik niet mis en even later ben ik onderweg naar de school.

De kinderen zien me door het raam al aankomen en zwaaien als ik de auto op het schoolplein vlak voor de deur parkeer. Binnen no-time hebben een stel sterke tieners de spullen het klaslokaal ingedragen en staat er een dampende mok met koffie klaar. “Ze zijn helemaal voor u” zegt Anneke, de leerkracht van groep 8 en wijst op de groep die in een kring voor het digibord zit. Ik til een tafeltje van een van de leerlingen naar me toe en plaats daarop mijn lesmap en steek van wal. Ik vertel hun dat ik zelf net onder de douche vandaan kom en dat ik hen ook onder de douche ga zetten, geen gewone douche maar een geschiedenisdouche. Ik overspoel ze met een hoop aan informatie en doe dat bewust, maar.. ze moeten nix maar mogen alles onthouden wat ze kunnen. Belangrijk is dat ze verder niets anders hoeven te doen als lekker onderuit en relaxed op hun stoeltje te zitten.

Dat hoef ik in de regel nooit twee keer te zeggen en ook deze keer zie ik alle kinderen onderuitzakken op hun stoel en een makkelijke houding aannemen. Hier en daar zie ik al wat vragende blikken want ja, er zou toch iemand komen die over de geschiedenis zou komen vertellen? Iets over ‘de’ oorlog, over Adolf Hitler en concentratiekampen en nu hoeven ze alleen maar onderuit te gaan hangen? Ik begin met hen te vragen hoe oorlog eigenlijk ontstaat, misschien dat iemand me daar een antwoord op kan geven. Er gaat een voorzichtig vingertje omhoog en een blond gebrild kereltje vertelt me dat Adolf Hitler alleen maar blonde mensen leuk vond, de knul ernaast vult aan dat de Duitsers ‘de’ oorlog begonnen waren omdat ze boos waren dat ze de kosten moesten betalen van de vorige oorlog en een meisje vooraan in de kring sluit daarop aan dat Hitler een hekel had aan joden en dat die allemaal dood gemaakt werden.

Dat zijn goede aanknopingspunten om de ochtend te beginnen en ik vraag hen hoe ze aan die kennis komen want ja, ze zijn zelf iets van 11 – 12 jaar oud en die oorlog waar ze het over hebben is al bijna 70 jaar geleden gestart, dus uit eigen ervaring komt die kennis niet. Opa, oma, juf, school, internet, boeken.. er komt een heel scala aan bronnen boven water. “Aha” .. zeg ik “dus als ik het goed begrijp was er eens een mannetje met een gek snorretje en die zwiept zijn rechterarm rechts omhoog waarop de Duitsers dan oorlog gaan voeren.” Terwijl ik dat zeg voeg ik de daad bij het woord en kleef mijn linkerwijsvinger onder de neus, zwaai m’n rechterarm schuin de lucht in en stap in paradepas de kring in “eins, zwei, eins zwei” roep ik bars en marcheer met vinger onder de neus en arm omhoog in een paar passen terug naar het tafeltje met m’n lesmap. De kinderen liggen in een deuk, dat hadden ze niet verwacht. Ik ga nog even verder in mijn rol door in overduidelijk nepduits pief, paf, poef te roepen en daarbij met een denkbeeldig geweer alle denkbeeldige vijanden “dooth te sgietun”.

Het is het begin van een leuke en leerzame ochtend en neem de kinderen – en de leerkracht met klasse assistente – mee in een verhaal waarin vooral en met name het ZELF denken centraal staat. Dat elke oorlog het resultaat is van misleiding en bedrog en dat het eigenlijk onbegrijpelijk is dat de mensen zich nog steeds in de luren laten leggen en voor laten liegen. Dat elke oorlog alleen maar verliezers kent, dat de oorlog geen computerspelletje is, geen game, geen call of duty. Ik neem de klas mee in een luchtig en met humor gelardeerd toneelstuk en toon simpele voorbeelden van misleiding, neem ze mee op ontdekkingsreis naar het hakenkruis, de gestrekte armgroet en koppel de tijd met voorbeelden van toen aan die van nu.

Met duidelijke en herkenbare voorbeelden laat ik ze zichzelf op het verkeerde been zetten en toon daarna met voorbeelden aan dat wat je denkt te zien of te weten helemaal niet zo hoeft te zijn. Het heilige hout doet zijn rondje onder de leerlingen die het brok paardenkastanjehout vol ontzag aan elkaar doorgeven, er aan ruiken, voelen en pulken en marcheren ze aan het eind van de ochtend met veel enthousiasme gewapend en gehelmd het lokaal uit om even later geconfronteerd te worden met het feit dat ze zich toch wel heel gemakkelijk als makke schapen naar de slachtbank lieten leiden.

Alles met elkaar is het leuke en voor de kinderen leerzame ochtend, aldus juf Anneke van de Lichtboei, die de volgende reactie neerpende: “Een Vredesonderwijsochtend. Super interessant, echt pakkend voor de leerlingen. Vernieuwend Geschiedenis gekoppeld aan de tijd van nu! Aansluitend op ons onderwerp van geschiedenis.”

De leerlingen helpen me natijd met het inladen van alle spullen en tegen half een die middag rijd ik weer richting huis. Moe, dat wel en ik merk dat de hartoperatie van juni dit jaar m’n lichaam niet onberoerd gelaten heeft, maar het is heerlijk om voor de klas te staan, om het verhaal te vertellen, het geeft me ook weer energie. Als ik met elke gastles maar 1 kind kan bereiken, dan heb ik wat bereikt. In die veertien jaar dat ik dit nu doe heb ik met elkaar denk ik iets van 600 scholen in Nederland bezocht, voor honderden leerkrachten en ruim 15.000 kinderen gastlessen Vredesonderwijs verzorgd. Hoe lang ik daar mee door kan gaan? Dat hangt behalve van m’n gezondheid af van de financiële middelen, want ja, ergens moet dit uit betaald worden. ‘Vroeger’ ging het pro-deo, betaalde ik het uit eigen zak, maar ja, toen had ik als succesvol oud ondernemer nog wat in kas.

Als bijstandsgerechtigde zit dat er nu niet meer voor me aan en het is dat de Gemeente en ook een schoolkoepel wat geld beschikbaar hebben gesteld aan de stichting Vredesonderwijs om de kosten te dekken. Voordien betaalden de scholen het elk afzonderlijk uit een of ander potje en als er geen sponsors komen zal dat ook in de toekomst het geval blijven schat ik zo. Zelf houd ik er geen knoop aan over, ik heb m’n uitkering dus eet & adem, that’s life. Maar.. zo lang als het kan en mogelijk is wil ik met dit geweldige werk door blijven gaan en ik hoop dat mijn telefoon met regelmaat blijft gaan, niet om me aan een verslapen afspraak te herinneren maar om me uit te nodigen een gastles te verzorgen, voor scholen in het lager en middelbaar onderwijs, verenigingen, serviceclubs, etc.. laat die telefoon maar overgaan.. “Tudeluu, Tudeluu..”

Met grote blijdschap…

“Wil jij deze teksten even zetten?”.. dat was wat Minne, de eigenaar van de kleine handelsdrukkerij die ochtend aan me vroeg. Ik kreeg een paar geschreven teksten in de handen gelegd, samen met de bijgaande kaarten waarop ze bedoeld waren afgedrukt te worden. Het waren een stuk of wat geboortekaarten, samen met een paar jubileumkaarten. Een kaartmodel voor de rouwtekst was niet nodig, daar stonden er dozen vol van in de stelling in de handzetterij. Wit-gewolkte, stemmig zwart omrande en dubbele blanco rouwbrieven, de tijd van toen was in het Oost Groningen van toen nog lang blijven hangen.

Na een keukencarrière en in vervolg daarop een warme betrokkenheid in het brood en banket was ik in de veel beter betalende kartonindustrie terecht gekomen. Nadat dit prestigeproject jammer genoeg ter ziele gedragen werd kwam ik via buurman Harm terecht bij de familiedrukkerij in Oude Pekela waar hij samen met zijn broer de directie vormde. Prachtig werk, creatief, ambachtelijk en precies.. dat paste me prima. Duiken in de doka, werkentekenen en ontwerpen en met de hand of de eerste digitale zetmachines teksten zetten. Het gelegenheidsdrukwerk zoals geboorte, rouw- en trouwwerk werd nog met de hand gezet. Achter in de drukkerij stonden een stuk of 12 letterkasten opgesteld met zetbokken erbovenop, zethaken, galeien, afijn.. alles wat nodig was, was er voorhanden.

Met de tekst voor de neus en de zethaak op juiste breedte ingesteld werd de tekst letter voor letter op de kop en met kerf naar boven gezet en uitgevuld. Regel voor regel zag zo het daglicht en als de haak vol was werd het met een soort van geleiderlineaaltje uit de haak gehaald en op het galei tussen blokken vast-wit gezet. Als de tekst compleet was, werd ze gefixeerd, opgebonden, met een houten blok teruggeklopt en ingekooid waarna het raam in de degel gehangen werd en het eigenlijke drukken kon beginnen. Het was een arbeidzaam geheel en er ging wel eens wat fout, dan donderde de tekst in elkaar of waren er te weinig letters in de la, vooral met klinkers was dat wel eens lastig. Al deze letters zaten na het drukken nog netjes opgebonden in tekstblokken op een paar kasten te wachten tot het moment dat ze weer werden opgeborgen in de lades. Een tijdrovend werkje.

Wat veel doeltreffender en gebruikelijk was, was het hergebruiken van – met name – de begintekst of een deel ervan. De aanhef was bij rouwbrieven vaak gelijkluidend, zo van “Met diepe droefheid geven wij kennis van het overlijden van ..” en “ … onze vader en opa is opgebaard in de rouwkamer van Uitvaartvereniging Algemeen Belang”. Met geboortekaarten was dat idem dito “Met blijdschap geven wij kennis van ..” dus ja, het scheelde dus een behoorlijke slok op een borrel als je oud zetsel opnieuw kon gebruiken. Nadat de kaarten gezet en voor het drukken gereed waren werd de koffie binnengebracht. Plak koek erbij en met zijn allen op een paar uitgetrokken letterlades pauze houden. De koffiebeker stond in het vakje met ‘vast wit’ en de plak koek geklemd tussen de eerste knokkels van wijs en middelvinger want ja, loden letters laten wat na op je vingertoppen.

Terug achter de tekentafel vervolgde ik mijn werk met het in elkaar zetten van papiermontages voor handelsdrukwerk, folders en meer van dat soort drukwerk. En zo ineens sjouwt Ger, letterlijk en figuurlijk een beer van een drukker, de studio binnen. Hij kijkt me van grote hoogte door zijn beduimelde bril aan, steekt me de rouwbrief toe waar hij net het eerste exemplaar van heeft gedrukt en vraagt.. “wat staat hier…. lees eens voor”. Hij heeft een vreemde uitdrukking rondom ogen en mond als ik de kaart aanpak en met enige argwaan hardop begin te lezen..”Met grote blijdschap geven wij u kennis van het overlijden van onze….” We liggen beiden in een deuk, we schateren het uit en al snel galmt het door de hele drukkerij. We hebben het er nog vaak over gehad, met grote blijdschap..

Appels & Peren

Wintertijd, al eeuwenlang de periode van over-gang, een einde van een levens-cyclus die afgerond wordt met de tijd van de Donkere Dagen. De koude gure dagen met vorst, sneeuw en ijs met lange nachten de het einde markeert van een eeuwigdurende repeterende periode voor wat geweest is en tegelijk ook het begin inluidt van komt, de wedergeboorte, het nieuwe, het voort-leven. De eeuwige cyclus van leven en dood, opkomst en ondergang, licht en donker en waar alles wat leeft en ademt op deze planeet afhankelijk van is.

Middels al even oude eeuwenoude rituelen is en wordt deze kennis wereldwijd overgeleverd en dat in allerlei variaties en rituele vormen, al dan niet gekaapt, her-verpakt of uitgelegd. Wat desondanks onveranderd is en blijft zijn de kernwaarden en hieraan kan en zal nooit iets veranderd worden, hoeveel ON-kennis, ON-kunde of On-wil hier al dan niet opzettelijk aan wordt toegekend. Het leven op deze planeet, het bestaan van mens en dier, de volledige flora en fauna, het is onlosmakelijk hieraan verankerd. Niets en niemand, al dan niet met politieke of religieuze dwang, heeft de macht hierin enige wijziging aan te brengen. Ze zon, de maan en de sterren laten zich de wet niet voorschrijven, ZIJ bepalen al eeuwenlang de natuurwetten en het weten.

Dat aan de symboolfiguur Zwarte Piet volledig onterecht het onmenselijke van de slavernij en racisme wordt gekoppeld is een bewust gestuurde, bedrieglijke misleiding met als vooropgezet doel dat wat het oplevert, namelijk het tegen elkaar uitspelen van de mens. Alle registers worden opengetrokken om de rede het zwijgen op te leggen en de haat te laten ontbranden tussen zwart, wit, jong oud, ziek, gezond, werkenden, werkzoekenden, christendom, islam, etc. Een vooral door en met name de politiek en media aangestuurde, op propagandistische haatzaaiende verdeel- en heers politiek. Appels worden met peren vergeleken maar behalve dat het allebeide vruchten zijn, zijn ze te verschillend van elkaar en zullen deze ook niet na een eeuwenlang debat of discussie gelijk aan elkaar worden.

Slavernij en racisme is van een heel andere orde, eveneens al eeuwen oud en nu nog steeds gaande. Wie zich daar over buigen wil of aan de orde wil stellen doet er goed aan dat in een ander kader te plaatsen en dat op basis van kennis. Slavernij was en is vandaag de dag nog steeds en met name vooral in Afrika een gruwelijk en onmenselijk gebruik. Moslims in Noord-Afrika en het Midden-Oosten haalden verreweg het grootste aantal van hun slaven (ca. 17.000.000) uit Afrika beneden de Sahara. De zwarte econoom en auteur Thomas Sowell publiceerde in 2012 een artikel in het Jewish World Review dat er in Noord-Afrika meer Europese slaven werden gehouden dan dat er (door blanke handelaren en reders) Afrikaanse slaven werden verscheept naar het grondgebied van wat nu de VS is. Daarbij vergeleken valt het aantal christenslaven in het niet.

Europese christenslaven, die overigens een wrede toekomst tegemoet konden zien. In hoofdzaak werden ze door hun meesters als galeislaaf gehouden, tientallen jaren aan banken en roeiriemen geketend om de galeien voort te bewegen op zoek naar nieuwe buit en slaven. Zwaar werk waaraan duizenden ongelukkigen aan de kettingen stierven of krankzinnig werden. Andere werden als dieren onder erbarmelijke omstandigheden en in grote overbevolkte schuren ondergebracht, kregen elke dag twee stukken donker brood en amper water. Slaven die te oud en minder productief werden, werden – vaak meerdere malen – doorverkocht. De meest onfortuinlijken onder hen werden eenvoudigweg als honden in de woestijn achtergelaten om daar van honger en dorst te sterven.

Slavernij en Racisme koppelen aan de symboolfiguur Zwarte Piet is hetzelfde als de nooit passende vergelijking met Appels & Peren.

Syrië: Geen burgeroorlog maar genocide

De boodschap van de in Syrië levende Belgische pater Daniël Maes was duidelijk, helder en niet mis te verstaan. Vrijdagavond 16 november 2018 bezocht ik een boeiende en leerzame lezing die hij verzorgde in de stad Groningen. De oorlog in Syrië is een geen ‘burgeroorlog’, geen door de burgers gevoerde moedige vrijheidsstrijd tegen marteling en onderdrukking, maar een georkestreerde volkerenmoord.

Levend en werkend in het door geweld geteisterde land heeft hij van dichtbij ervaren hoe de strijd welbewust werd opgezet, hoe het geweld door gewapende groepen van buiten wreed op de burgers werd losgelaten, hoe door leugens en misleiding mensen tegen elkaar zijn opgezet. De 81-jarige pater spreekt vanuit eigen ervaring en kennis en zoals hij het ter plekke heeft zien ontstaan en meegemaakt. Hoe dood en vernietiging brengende terroristische moslimstrijdgroepen in 2011 het land tot een repressief Islamitisch kalifaat wilden omzetten met de sharia als grondbeginsel.

Wij Nederlanders met een totaal afwijkende kennis, inborst en maatschappelijke ontwikkeling hebben geen flauw benul van wat dat inhoudt, de Syriërs echter des te meer! Zij hebben de moord en martelpraktijken van zeer dichtbij ondervonden, zijn geslachtofferd ongelijk hun geestelijke overtuiging. Mannen, vrouwen, kinderen, Alawiet, Soenniet, Moslim of Christen.. tienduizenden zijn op de meest sadistische wijze gemarteld en omgebracht.

Pater Daniël Maes gaf enkele verschrikkelijke voorbeelden van hoe gevangen genomen soldaten tot het uiterste werden gemarteld om uiteindelijk met een schot in de rug als een beest te creperen of onthoofd te worden, hoe een moslimvader zijn ontvoerde zoon in stukken gehakt in een plastic zak voor de deur terug vond. Beestachtigheid gepleegd door haat aangezette en geradicaliseerde islamitische strijders, gefinancierd en opgezet door de machthebbers in Saudi Arabië, Israel, Groot Brittannië, Frankrijk en de USA (ingezet onder Obama voortgezet onder Trump) waarbij de NAVO bondgenoten – ook Nederland – hun militaire apparaat inzetten om dood en vernietiging te brengen.

Het is dank zij het ingrijpen van Rusland en de rol van president Putin aldus pater Daniël Maes dat Syrië en haar bevolking niet ten onder gegaan is in de economische strijd om olie & pijpleidingen, een economische machtsstrijd, dat is het waar het in werkelijkheid om gaat. Liegen, bedriegen en misleiden om de macht, dat daarbij de bevolking wordt vernietigd is niet van belang, alles moet wijken voor het gestelde perfide doel. De massamedia vergiftigt daarbij onophoudelijk de menselijke geest en de publieke opinie

Hij maakt duidelijk dat de in het Westen zo geprezen rol van de ‘White Helmets’ die van een terreur ondersteunende organisatie is. De werkelijk begane wreedheden en misdaden zijn de werkelijke reden waarom deze humanitaire helden het land moeten ontvluchten en ook onderdak vinden in landen als Nederland. Hij geeft ook de waarschuwing mee om zorgvuldigheid te betrachten met het laten vestigen van Syrische vluchtelingen, en hij is daarin niet alleen. Andere vredesactivisten zoals de Syrische cabaretier Treka, en onderzoeksjournalisten als Eva Karen Bartlett, Sara Abed en Vanessa Beely blijven deze boodschap herhalen.

Tienduizenden mensen die de meest gruwelijke misdaden hebben gepleegd zijn het eigen land ontvlucht omdat ze weten wat hun te wachten staat. Hier is een grote verantwoording weggelegd voor alle bestuurlijke lagen, geen enkel beschaafd land mag een misdadige crimineel amnestie en onderdak verlenen, ook geen enkele eerzame burger wenst deze hun straf ontvluchtende smeerlappen als buurman of buurvrouw. Alle het land ontvluchte Syriërs zijn welkom om hun land her op te bouwen, miljoenen zijn weer huiswaarts getrokken en een ministerie van verzoening heeft vele tienduizenden amnestie verleend, tienduizenden gevangenen hebben hun plaats in de eigen maatschappij naast vrouw en kind weer ingenomen. Echter… zij die wat te vrezen hebben zullen zich wel twee maal bedenken en onderduiken daar waar zij asiel kunnen bemachtigen.

De strijd in Syrië is nog niet beslecht, Idlib, het door de terreurgroepen beheerste gebied is de laatste enclave waar de radicale islamgroepen nog heersen. Pater Daniël Maes wijst er met nadruk op dat het een door de wereldgrootmachten zeer gevoelig en subtiel schaakspel is dat gespeeld wordt, een verkeerd uitgevoerde zet kan leiden tot een ongekende vernietiging met een wereldoorlog die zeker en vast ook West-Europa als slagveld zal hebben.

Dag Sinterklaas

“Ik ben niet fanatiek, ik ben tegen fascisme en racisme”… en zo tierde ze nog even door. Mensen zoals zij zijn typische schoolvoorbeelden van wat Polarisatie baart, raaskallende harpijen die overtuigd zijn van het eigen absolute gelijk, die elk verketteren, demoniseren en veroordelen omdat dezen niet voldoen aan haar absolute volmaaktheid. Discussie is per definitie zinloos, zeker met deze mensen die voor rede niet meer vatbaar zijn.

Verspilde energie, moeite en tijd, maar wel mensen die in hun verblindheid een bedreiging zijn voor vrede en stabiliteit, terwijl ze van zichzelf volledig overtuigd zijn dat juist zij de hoeders er van zijn. Het zijn juist deze individuen die – zo overtuigd van zichzelf – aan het begin staan van de dodelijke ellende die daaruit voortvloeien kan.

Individuen gelijk aan radicale extremisten die vol overtuiging de tegenstanders letterlijk de mond snoeren. Een vergelijking die ze zelf absoluut niet zullen accepteren, nee, zij staan juist aan de correcte kant van het gelijk en menen met hun briesende gebral die smeerlappen te bestrijden.

Waar het over gaat?

Een eeuwenoud, pre-religieus en van origine aan maanstanden gerelateerd, vruchtbaarheidsritueel, dat is in de kern van het door de katholieke kerk onder haar hoede genomen, gekerstend, eindejaarsfeest. Misschien is het even de moeite waard om daar in dankbaarheid bij stil te staan dat juist haar ontferming ervoor gezorgd heeft dat het al duizenden jaren oude ritueel nog volop leeft in de tijd van nu? Een door de vele voorgaande generaties gevormd en warm omarmd kindvriendelijk feest in de verschijningsvorm zoals we dat nu kennen, het feest van de Goede Heilige met zijn Trouwe Hulpen. Nooit is ooit een verbinding geweest die er nu volledig onterecht aan de haren bij getrokken wordt. Dit geweldige eindejaarsfeest verbind al eeuwenlang en succesvol de gemeenschap van mensen met gedeelde culturele kenmerken.

Geen sprake van fascisme of geen racisme en al helemaal niet aan politieke ideologie verbonden of gekoppeld. De voorstanders of tegenstanders zijn niet extreem blauw of groen, hard of zacht, nat of droog, groot of klein, links of rechts. De tegenstelling is er heel vilein, smerig en onterecht aan toegevoegd en wordt door een kleine groep relschoppende randstadradicalen hier aan toegedicht.

De goedheiligman mag dan in sommige ogen een schijn-heilige lijken maar hij is samen met zijn trouwe hulpen al eeuwenlang van goede wil en deelt gul, ruim en royaal het goede aan en met elke Nederlander, waar ook ooit zijn of haar wieg gestaan heeft. Het ritueel van toen is ook vandaag de dag het feest van nu, en schenkt, gunt en wenst het zonder aanzien des persoons elk Voorspoed, Vrede en Geluk.